Wereld Feesten Almanak


Bevrijdingsdag
Datum:
jaarlijks op 16 december




Bevrijdingsdag

Datum: vrijdag 16 december 2016
Land / gebied: Bangladesh
Soort: Nationale feestdag
Bangladesh Victory Day. In het voorjaar van 1971 begon in Bangladesh een onafhankelijkheidsstrijd die bloedig werd onderdrukt door het Pakistaanse leger. Na ingrijpen van buurland India en geeft Pakistan zich op 16 december 1971 over, waarna Bangladesh onafhankelijk wordt.

Bangladesh behoorde van 1765 tot 1947 tot de provincie Bengalen van Brits-Indië. Bij de onafhankelijkheid van het subcontinent in 1947 werd het overwegend islamitische Oost-Bengalen bij het eveneens islamitische Pakistan gevoegd. Het nieuwe Oost-Pakistan werd in vele opzichten achtergesteld bij West-Pakistan, waar de regering van het land zetelde. Een verkiezingsoverwinning van de Bangladesh Awami League (AL) in 1971 leidde tot de arrestatie van partijleider Sheikh Mujibur Rahman. De daarop volgende onafhankelijkheidsoorlog en het geweldadig optreden van Pakistaanse militairen, die werden gesteund door moslim-extremisten en Bihari’s (moslims die in 1947 vanuit India naar Bangladesh waren geëmigreerd) kostte het leven aan een miljoen mensen. De oorlog werd uiteindelijk door een Indiase militaire interventie in het voordeel van de Bengaalse nationalisten beslecht. De infrastructuur van het land was door de oorlog geheel verwoest. Natuurrampen en de hongersnood van 1974 brachten de regering verder in het nauw. De regerende Awami League trok steeds meer macht aan zich en verbood alle oppositie. Op 3 november 1975 culmineerde de onvrede hierover in een bloedige staatsgreep, waarbij Sheikh Mujibur Rahman en een groot deel van zijn familie werden vermoord. Er volgde een onrustige overgangsperiode. Uiteindelijk werd de macht overge nomen door generaal Zia ur Rahman, die zijn eigen poli tieke partij, de Bangladesh Nation alist Party (BNP) stichtte. In 1982 werd generaal Rahman tijdens een militaire staatsgreep vermoord en werd de nood toe stand inge steld. Later in dat jaar kwam generaal Ershad na een geweldloze coup aan de macht. Hij richtte de Jatiya-partij op. In december 1990 werd hij na heftige demonstraties afgezet.In 1991 werden voor de eerste maal in Bangladesh vrije en democratische verkiezingen gehouden en kwam de BNP - onverwacht - aan de macht. In 1996 vonden wederom verkiezingen plaats die werden gewonnen door de oppositionele Awami League. Minister-president werd Sheikh Hasina Wajed, dochter van de vermoorde Sheikh Mujibur Rahman. In 2001 vonden opnieuw verkiezingen plaats, die een grote overwinning opleverden voor de islamitische BNP onder leiding van Begum Khaleda Zia, de vrouw van de vermoorde generaal Zia ur Rahman.

Staatsinrichting

Bangladesh is formeel een volksrepubliek, die in principe gescheiden uitvoerende, wetgevende en rechterlijke machten kent. De onafhankelijkheid van de rechterlijke macht is slechts deels gewaarborgd; de lagere justitiële autoriteiten zijn onderdeel van de uitvoerende macht. Rechters van het hooggerechtshof worden door de president benoemd. De president - die weinig bevoegdheden heeft - wordt door het parlement gekozen voor een periode van vijf jaar. Hij benoemt de Eerste Minister. De 300 leden van het parlement worden rechtstreeks gekozen tijdens algemene verkiezingen, volgens een districten stelsel. In het verleden werden na de verkiezingen door het parlement nog 45 vrouwelijke leden aangewezen, maar dit is in 2001 afgeschaft.

Binnenlandse politiek

Sinds het begin van de jaren’90 wordt Bangladesh op democratische wijze bestuurd. In die periode is ook sprake geweest van vreedzame wisselingen van de macht. De invloedrijkste partijen in het parlement zijn de AL en de BNP, gevolgd door de Jatiya-partij (JP) van ex-president Ershad en de fundamenteel-islamitische Jamaat e Islami (JI) partij. De BNP en JP gelden als relatief nationalistisch, islamitisch en pro-Pakistan, terwijl de AL als relatief progressief, seculier en pro-India te boek staat. De binnenlands-politieke verhoudingen zijn sterk gepolariseerd, hetgeen een belemmering vormt voor het bestuur van het land en de nationale ontwikkeling in het algemeen. De strijd om de politieke macht wordt gesymboliseerd door de twee prominente vrouwen in de Bengaalse politiek en het verleden dat zij meedragen (nl Khaleda Zia van BNP en Sheikh Hasina van AL).

De huidige regering wordt gevormd door een coalitie van BNP met enkele kleine moslim partijen, de Jamaat-al-Islami en Islami Oikya Jote (IOJ). De oppositionele AL voert een obstructiepolitiek die acties behelst als het boycotten van lokale verkiezingen en parlementszittingen, en het organiseren van grote demonstraties en ‘hartals’ (politieke stakingen die het hele land of een deel daarvan ontregelen). Deze taktiek is ontwikkeld door de AL in de periode 1991-1996 en is ook gebruikt door de BNP toen deze in de oppositie zat. In januari 2007 zullen opnieuw verkiezingen plaatsvinden. Bij wetgeving kunnen de algemene verkiezingen slechts worden gehouden onder een onpartijdige, zgn. ‘ caretaker’ regering, die voor ongeveer 3 maanden wordt aangesteld. De huidige regering zal derhalve in oktober 2006 aftreden.

De overheid houdt bij de formulering en uitvoering van haar beleid rekening met de islami tische krachten in de samenle­ving, en subsidieert bijvoorbeeld het islami tische basisonderwijs en de jaarlijk se bedevaart naar Mekka. Er is sprake van een toenemende islamisering. De kwaliteit van het openbaar bestuur is over het algemeen laag. Er is sprake van corruptie zowel binnen als buiten de overheid.

Mensenrechten en minderheden

Er is in formele zin sprake van persoonlijke en politieke vrijheid. Etnische en religieuze minderheden (waaronder hindoes, christenen en Ahmadiya’s) en maatschappelijk zwakkeren worden echter in de praktijk achter gesteld. Discriminatie en achterstelling van vrouwen komt veelvuldig voor.

Bangladesh is van oudsher een gewelddadige samenleving. Criminele bendes zijn overal actief, en bovendien geïntegreerd in - en beschermd door - het politieke bestel. Kort na de laatste verkiezingen in 2001 was er sprake van een golf van geweld tegen onder meer religieuze (hindoe-) minderheden, waartegen de nieuwe regering onvoldoende optrad. Een gezamenlijke actie van leger en politie, de zgn. “Operation Clean Heart," had slechts een tijdelijk effect. De veiligheidssituatie is inmiddels weer verslechterd, ondanks de instelling van een speciale veiligheidsdienst, de zgn. “Rapid Action Batallion." Moordaanslagen op politici (waaronder Sheikh Hasina en AL ex-minister Kibria) en journalisten nemen toe, evenals bomaanslagen op bioscopen, gebedshuizen van niet-moslims en overheidsgebouwen. Ontvoeringen (vooral in de Chittagong Hill Tracts) zijn aan de orde van de dag. De autoriteiten zijn weinig actief bij de opsporing, zodat velen aangifte bij het (corrupte) politieapparaat achterwege laten. Er is sprake van toenemende wetteloosheid. Mensen­rechtenschendingen worden doorgaans niet adequaat vervolgd. De 'Muslim Family Law' is van kracht en vormt de belangrijk­ ste belem mering voor de ratifica tie van internationale overeen komsten op mensen rechtengebied. Bangladesh heeft van de belangrijke internationale mensenrechtenverdragen het verdrag inzake de 'uitbanning van alle vormen van discrim i natie tegen vrouwen' en 'rechten van het kind' ondertekend. Daarnaast is Bangladesh recentelijk toegetreden tot de Conventie tegen marteling, het Internationaal Convenant inzake economische, sociale en culturele rechten, de Conventie inzake de politieke rechten van vrouwen en de Conventie inzake instemming met en minimumleeftijd voor het huwelijk, maar het heeft daarbij beperkende verklaringen afgelegd, waartegen door een aantal landen, waaronder Nederland, is geprotesteerd. In 2000 publiceerde Amnesty International een schokkend rapport over marteling in Bangladesh, waaruit bleek dat deze praktijk wijdverbreid is, met name op politiebureaus.

Eind december 1997 werd een vredesakkoord getekend tussen de regering van Bangladesh en de tribale verzetsbeweging uit de Chittagong Hill Tracts. Sinds de onafhankelijkheid van Bangladesh hebben de in het gebied woonachtige stammen gestreden voor autonomie en voor erkenning van de eigen etnisch/culturele identiteit. De tenuitvoerlegging van het akkoord heeft ernstige vertraging opgelopen. Verschillende interpretaties van het akkoord en onderling wantrouwen staan vooruitgang in de weg, waarbij kan worden aangetekend dat zowel de huidige als de vorige regering sinds de ondertekening weinig initiatief hebben getoond.

In Bangladesh verblijven ca 20.000 birmese vluchtelingen, Rohingya's, die zijn ondergebracht in door UNHCR gesteunde kampen. Door de recent sterk verbeterde verhouding tussen Bangladesh en het Birmese bewind konden 5000 van hen terugkeren. De overheid van Bangladesh wil ook de overgebleven vluchtelingen repatriëren, ondanks dat deze hebben aangegeven in Bangladesh te willen blijven.

Bangladesh heeft zitting (tot en met 2009) in de VN Mensenrechtenraad (de opvolger van de Mensenrechtencommissie), na verkiezingen in de Algemene Vergadering van de VN op 9 mei 2006..

Sociale situatie

Bangladesh heeft de laatste jaren goede voortgang geboekt op een aantal Millenium Development Goals (MDG’s), met name voor wat betreft het terugdringen van kindersterfte, toegang tot basisonderwijs en basisgezondheidszorg (m.n. immunisatie). Het geboortecijfer is teruggedrongen, schoolbezoek (zowel van jongens als van meisjes) is toegenomen en de levensverwachting is gestegen. Deze goede prestaties zijn mede te danken aan een actieve en effectieve NGO- en private sector. Ook heeft Bangladesh volledige voedselzekerheid weten te realiseren, door liberalisering van de rijsthandel. Desondanks behoort Bangladesh nog steeds tot de armste landen van de wereld. De helft van de bevolking (70 mln personen) leeft onder de armoedegrens. De positie van de vrouw is zeer achtergesteld. Bangladesh is een van de weinige landen waar vrouwen gemiddeld niet ouder worden dan mannen. Bangladesh heeft een goedgekeurd Poverty Reduction Strategy Paper, dat in november 2005 tijdens een donorconferentie in Dhaka is besproken.

In het laatste UNCTAD (UN Conference on Trade And Development) rapport over de 50 Minst Ontwikkelde Landen (MOL’s), waartoe Bangladesh behoort, presteerde het land op 23 sectoren ten opzichte van het gemiddelde 15 maal beter, 5 maal slechter en 5 maal gelijk.

Economische situatie

Bangladesh heeft een gereguleerde markteconomie met ontwikkelingsplanning en een groot aantal staatsbedrijven. Bangladesh behoort tot de groep van Minst Ontwikkelde Landen (MOL) en was leider van die groep in WTO-kader. Het land heeft een tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans van ca. 1% van het BBP. Voor Bangladesh zijn de overboekingen van in het buitenland werkzame burgers van groot belang. Het land heeft daarnaast een grote behoefte aan ODA-steun. Met valuta-reserves die nauwelijks voldoende zijn voor twee maanden import blijft Bangladesh kwetsbaar voor plotselinge economische tegen vallers, zoals de veelvuldig voorkomende overstromingen. Economisch is er goede vooruitgang geboekt, met een stabiele economische groei van 5% per jaar en een effectief macro economisch beleid. In combinatie met de afnemende bevolkingsgroei, leidde dat weliswaar tot een stijging van het BBP per capita, maar niet tot een werkelijke 'take-off' van de economie. Het laatste wordt alom geweten aan de onmacht van zowel BNP- als AL-regeringen om een ingrijpend hervormings- en herstructureringsbeleid door te voeren. De in 2001 aangetreden BNP regering heeft stappen genomen voor hervatting van het hervormingsbeleid. Een groot aantal staatsondernemingen (waaronder de National Jute Milling) is geprivatiseerd, er zijn een aantal belangrijke verbeteringen in de energiesector doorgevoerd en er is een eerste aanzet gedaan voor het terugdringen van de verliezen in de financiële sector. Het begrotingstekort is teruggebracht. Bezorgdheid bestaat m.n. over het gebrek aan buitenlandse investering als gevolg van het gebrek aan "law and order." De ‘debt/service ratio’ is in de periode 1980 tot 1998 teruggebracht van 24 naar 9,3%, en is sindsdien nog verder gedaald naar 7% in 1999 en bedroeg 8% in 2004.

Bangladesh behoort tot de oprichters van de in 1985 gestichte ‘ South Asian Association for Regional Co-operation’ (SAARC), waar ook India, Pakistan, Sri Lanka, Bhutan, Nepal, de Maldiven en Afghanistan aan deelnemen.

Zie ook


Een feestdag in Bangladesh.