Wereld Feesten Almanak


Onafhankelijkheidsdag
Datum:
jaarlijks op 15 september




Onafhankelijkheidsdag

Datum: vrijdag 15 september 2017
Land / gebied: Costa Rica
Costa Rica In 1821 werd Costa Rica onafhankelijk van Spanje en vormde het een onderdeel van Mexico, waarvan het zich in 1823, na een korte burgeroorlog, los maakte.

De Republiek Costa Rica (rijke kust) dankt de naam aan Cristoffel Columbus, die in 1502 op de Caribi­sche kust landde en vermoedde dat er grote hoeveelheden goud aanwezig waren. Het edele metaal bleek echter onvindbaar en Costa Rica werd een uithoek van het Spaanse rijk. In 1821 werd Costa Rica onafhankelijk van Spanje en vormde het een onderdeel van Mexico, waarvan het zich in 1823, na een korte burgeroorlog, los maakte en San José tot hoofdstad benoemde. In 1824 trad Costa Rica toe tot de Federatie van Centraal-Amerikaanse Provincies. De federatie was een los samenwerkingsverband waarvan de leden hun eigen gang gingen. Zo kozen de Costaricanen nog in het zelfde jaar Juan Mora Fernández tot hun eigen staatshoofd. In 1835 werd Braulio Carrillo Colina (1835-1842) tot president gekozen en nadat in 1838 de federatie uit elkaar viel, riep hij zich zelf uit tot dictator voor het leven. De eerste jaren van deze volledige onaf­hanke­lijkheid werden gekenmerkt door onrust. Er ontstond een elite van grote koffieplanters en -exporteurs die tot halverwege de twintigste eeuw veel macht en invloed hadden in de politiek. Na een instabiele periode werd door de in 1870 middels een staatsgreep aan de macht gekomen generaal Tomás Guardia, de macht van de koffie-aristocratie enigszins aan banden gelegd. Hij leidde tot 1882 het land op autocratische wijze. Onder zijn dictatuur wonnen republikeinse en liberale ideeën aan invloed. In 1882 werd een liberale grondwet afgekondigd en kwamen er wetten die de scheiding van Kerk en Staat tot doel hadden.

Costa Rica werd in de dertiger jaren van de twintigste eeuw getroffen door grote economische en sociale problemen. In 1948 kwam een coalitie van sociaal-conservatieven en communisten onder leiding van José Angel Calderón aan de macht. Vanwege de onrust bij deze verkiezingen ontketende de liberaal denkende landeigenaar José Figueres een ´oorlog van de nationale bevrijding´. Na een maand was deze oorlog, die 2000 mensenlevens kostte, voorbij en konden de nieuwe machthebbers allerlei hervormingen doorvoeren: algemeen kiesrecht, een minimumloon, gratis gezondheidszorg voor iedereen. Tevens werd een nieuwe grond­wet aangenomen waarin het leger werd afge­schaft en de vor­ming van een nieuw leger werd verboden. De in 1948 verkozen Ulate werd alsnog president. Fi gueres zelf werd in de periodes 1953-1958 en 1970-1974 tot president verkozen en maakte Costa Rica met zijn socialistische "Partido de Liberación Nacional" (PLN) tot een van de meest democrati­sche landen van Latijns-Ameri­ka. Hij voerde vele sociale hervormingen door. De latere President Oscar Arias van de PLN (1986-1990) ontving voor zijn bemiddeling in de regio­nale conflic­ten van Midden-Amerika in 1987 zelfs de Nobel­prijs voor de Vrede.

In 1983 werd de "Partido Unidad Social Cristiana" (PUSC) opgericht, die een geduchte concurrent voor de PLN zou worden. In 1998 en 2002 werden de verkiezingen beide door de PUSC gewonnen.

Zie ook


Een feestdag in Costa Rica.