De reuzen Hanneken en Bamberg
"In die dagen waren er reuzen op aarde, en ook daarna, als Gods zonen tot de dochteren der mensen ingegaan waren, en zich kinderen gewonnen hadden; deze zijn de geweldigen, die van ouds geweest zijn, mannen van name."



Er waren eens, heel lang geleden, twee reuzen: Hanneken en Bamberg. Op een dag begonnen zij te graven. Ieder aan een kant. De waterwegen rondom Dordrecht waren namelijk niet al te best, met veel ondiepe en moeilijke doorgangen. Hanneken hield echter niet zo van praten. Hij zei tegen Bamberg, dat hij zijn mond maar moest houden. Daarom begon de ene gigant bij Dordt te graven en de ander bij het Hollands Diep. Na zeven jaar ontdekten ze dat ze niet recht tegenover elkaar uit kwamen. Bamberg, die altijd gezwegen had ter wille van Hanneken, zei: "Zeg, zie je dat we scheef gaan?" Hanneken antwoordde daarop: "Hou op, je praat me de blaren op m'n hoofd!" Hij pakte daarop zijn spade en sloeg Bamberg in een razende driftbui dood. Nors gravend maakte de reus het werk af en verbond de twee stukken kanaal. En zo komt het, dat er vroeger een kronkel in de Kil zat.



Bron: "Groot Dordts volksverhalenboek" door Ruben A. Koman. Uitgeverij Profiel, Bedum, 2005. ISBN: 9052943354.