Leesidee: De verdronken kus
Een sage uit de gemeente Leidschendam-Voorburg.

Doelgroep

Leerlingen van groep 7-8 van het primair basisonderwijs.

Thema

- hulp vragen.
- zoenen.

Werkvormen

- verhaal vertellen, laten zien.
- inventarisatielijsten maken
- sociale vaardigheden trainen

Lesopzet

a. Tegenwoordig wordt het woord 'heulen' nog altijd gebruikt. Kent iemand een uitdrukking waar dit woord in voorkomt? Heulen met de vijand. Wat betekent dit? Samenspannen met de vijand, de vijand helpen.

b. De betekenis van het begrip heulen was vroeger een stuk positiever. Eerst betekende het 'helpen'. Wat kun je doen wanneer er iemand om hulp roept? (vragen wat er aan de hand is, kijken of je hulp erbij kunt halen, zelf hulp bieden, de persoon die hulp vraagt niet alleen laten, proberen gerust te stellen, mee te nemen naar een veilige plek…). - inventarisatie, bespreken.

c. Hulp vragen kan ook betekenen: zelf hulp vragen, iemand vragen of die je wilt helpen. Kun je situaties bedenken waarbij je hulp zou willen vragen? Durf je dat te vragen (waarom wel, waarom niet?). En hoe is het om gevraagd te worden? - inventarisatie, bespreken.
Hoe stel je eigenlijk een hulpvraag? Wat is het verschil tussen commanderen en slijmen?
De leerlingen oefenen het vragen van hulp in twee korte gesprekken.

d. Dan is er nog een derde betekenis: Zodra je (samen) over een bruggetje gaat, kun je een zoen geven. Of, als je niet verliefd bent, een compliment geven. Een schouderklopje of een knipoog bijvoorbeeld. Dat is misschien ook wel een manier van elkaar helpen.

e. Welke betekenis van het begrip 'heulen' vindt je de beste? De twee laatste betekenissen worden misschien wel niet meer gebruikt, maar dat betekend nog niet dat dit voor altijd zo moet blijven: Oude betekenissen kunnen nieuw leven ingeblazen worden. Zeker ook bij de laatste, waarvan we weten dat het heulen op zondag niet langer mocht in de stad Utrecht!
De leerlingen kunnen hun voorkeur voor een betekenis van het begrip uitspreken.

f. De voorkeuren worden geïnventariseerd. Leerlingen die de betekenis 'helpen, hulp vragen' belangrijk vinden, kunnen direct een praktische hulpvraag formuleren. Wie kan en wil helpen?

e. Twee aan twee kunnen leerlingen gaan heulen. Ze rennen hand in hand over (bruggetjes in de wijk, obstakels op het schoolplein) hobbels en roepen dan: Heul! Heul! En kunnen elkaar dan een knipoog, schouderklop of zoen geven.

Doelstelling

a. De kennis vergaren rond een oud begrip dat een geschiedenis van verschillende betekenissen heeft.

b. Sociale vaardigheden: Hulp (leren) bieden, hulp (leren) vragen.

Begrippen-/woordenlijst

Heulen, (heul! Heul!): Vandaag de dag roept men om hulp. Het werkwoord helpen (help! Help!)
Sjees: Een kar met twee wielen die getrokken wordt door een (Fries) paard.

Lierman: oud beroep.

Mede mogelijk gemaakt door de gemeente Leidschendam-Voorburg.