Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 6 min.
Herkomst:

Blinde woede

In het bos klonk weer eens het gebrul van Tijger Tigri. "Wat is er nu weer met hem? Versta jij wat hij roept?" vroeg Geit Krabita aan Hond Dagoe, die bij haar op bezoek was. "Hij is een beetje eenzaam, denk ik," zei Hond Dagoe. "Wat zielig," zei Geit Krabita. "Laten we even bij hem langs gaan."

Tijger Tigri was zeer blij, toen hij hen zag. Hij had net gebruld dat hij honger had en daar stapte Geit Krabita binnen! Dit moet ik handig aanpakken, dacht hij en hij vroeg zijn gasten of ze een kopie thee lustten. "Lekker," zei Geit Krabita. "Kun je me even helpen met water opzetten?" vroeg Tijger Tigri aan Hond Dagoe. Ze gingen samen naar de keuken en daar pakte Tijger Tigri een grote pot, die Hond Dagoe met water moest vullen. "Maar dat is toch geen theepot?" zei Hond Dagoe, "dat is een pan om vlees in klaar te maken." - "Nee hoor," zei Tijger Tigri, "deze gebruik ik altijd voor thee. Ik heb een grote dorst."

Enfin, ze gingen terug naar de kamer om te wachten totdat het water kookte. Op een gegeven ogenblik vroeg Tijger Tigri aan Hond Dagoe: "Denk je dat het al kookt?" - "Ik denk het niet, maar ik zal wel even kijken," zei Hond Dagoe behulpzaam. "Als je ergens op wacht, duurt het altijd lang," glimlachte Geit Krabita. "Wat je zegt," zei Tijger Tigri likkebaardend.

Hond Dagoe kwam terug: "Het kookt nog niet. Zal ik niet een kleinere pot opzetten?" - "Ik heb een grote trek," merkte Tijger Tigri op, "dus laat die grote pot maar staan." Hond Dagoe fronste zijn wenkbrauwen. "Ik dacht dat we thee zouden drinken," blafte hij. "Ook," gaf Tijger Tigri direct toe, "ik bedoel, natuurlijk, ja, het theewater staat toch op. Is het nog niet heet?" - "Het is nog niet eens lauw!" - "Zal ik even gaan kijken?" vroeg Geit Krabita. "Nee, nee, ik ga zelf wel," en Tijger Tigri haastte zich naar de keuken.

"Ik vertrouw het niet," zei Hond Dagoe, "hij heeft een braadpan op het vuur gezet. Laten we ergens anders thee gaan drinken." Ze renden weg!

Toen had je Tijger Tigri moeten horen brullen! Hij zette onmiddellijk de achtervolging in, want hij wilde beslist geitevlees om zijn honger te stillen. Geit Krabita en Hond Dagoe renden en renden tot ze bij een rivier kwamen. "Ik kan niet zwemmen," mekkerde Geit Krabita. Hond Dagoe dacht even na en groef toen razendsnel een kuil. "Spring erin, dan verstop ik je," zei Hond Dagoe en daarna bedolf hij Geit Krabita onder het zand. Maar de horens van Geit Krabita bleven boven de grond uitsteken...

Hond Dagoe zwom naar de overkant van de rivier en wachtte daar op Tijger Tigri. "Waar is Krabita?" brulde Tijger Tigri toen hij even later bij de rivier aankwam en alleen Hond Dagoe aan de overkant zag staan. "We waren vergeten dat we een andere afspraak hadden," riep Hond Dagoe. "Geit is al vooruit gegaan, maar als je mee wilt, moet je hier komen." Daar piekerde Tijger Tigri niet over; hij hield niet van natte voeten. "En m'n thee dan?" brulde hij. "Die mag je alleen opdrinken!" schaterlachte Hond Dagoe.

Toen werd Tijger Tigri zo woestkwaad dat hij een stel wortels uit de grond trok en die met een zwaai over de rivier midden in Honds gezicht wierp. Tenminste... dat dacht hij. In zijn woede voelde hij niet dat Geit Krabita aan 'die wortels' bungelde. Geit Krabita kwam keurig op haar poten aan de overkant van de rivier terecht. "Dank je wel, Tigri, precies waar ik zijn moest!" Die hele dag kon je Tijger Tigri vreselijk gefrustreerd horen brullen. Sinds die tijd verscheurt hij niet alleen elke Geit maar ook elke Hond die hij tegenkomt.


*   *   *

Blinde woede Samenvatting
Een geit en een hond gaan op bezoek bij tijger Tigri. Deze heeft net ontzettende zin in geitenvlees en hij probeert dan ook op een slinkse manier de dieren te pakken te nemen. Wanneer ze hem ontsnappen ontsteekt de tijger in blinde woede. Lees het verhaal

Toelichting
Een klassieke anansi-tori in een nieuw jasje.

Trefwoorden


Thema

Verhaalsoort

Bron
"Volksverhalen uit kleurrijk Nederland. Dieren. Dierenverhalen uit de Chinese, Joodse, Nederlandse, Indiase, Turkse, Surinaamse, Marokkaanse en Indonesische verteltraditie" Lemniscaat, Rotterdam, 1990.

Herkomst: Suriname
Verteltijd: ca. 6 min.
Leeftijd: vanaf 7 jaar

Lees ook