Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 5 min.
Herkomst:

De beloning

Vroeger hadden de vogels één grote vijand: de lange, lange Boa Water-Wurgslang. Geen vogeltje dat bij de rivier water kwam drinken, was zijn leven zeker. Voordat hij het wist, was hij gewurgd en opgeslokt. "Hoe is het mogelijk," zeiden de vogels tegen elkaar, "dat iemand met zo'n mooie huid zich zo monsterachtig gedraagt." Alle kleuren van de regenboog en nog veel meer, rood, geel, groen, blauw, zwart, wit, waren in de mooiste patronen in de huid van de lange, lange Boa Water-Wurgslang verwerkt.

"Wie het lukt om hem onschadelijk te maken, mag zijn huid hebben," besloten de vogels en toen... gebeurde er een tijdje niets, want niemand durfde de Wurgslang aan te vallen. Uiteindelijk kwam de Aalscholver Doiklari in actie. Hij dook de rivier in en schreeuwde onder water: "Waar zit je, Aboma? Laat je eens zien als je durft." Dat liet Water-Wurgslang Boa natuurlijk niet op zich zitten. Kaarsrecht schoot hij een heel eind omhoog: "Wie zei er iets?"

"Ik!" riep Aalscholver Doiklari en hij richtte zijn pijl en boog en raakte Water-Wurgslang Boa midden in zijn nek. Intussen was hij zo slim geweest een touw aan zijn pijl te binden, dat hij had vastgemaakt aan een dikke boomtak die over de rivier hing. Daar bungelde Wurgslang Boa in de lucht en hoe hij ook kronkelde, het lukte hem niet zichzelf te bevrijden. Aan het eind van de dag was de lange, lange Water-Wurgslang Boa dood.

"De huid is voor jou," zeiden alle vogels tegen Aalscholver Doiklari, "je hebt 'm verdiend." Maar de slangehuid was veel te zwaar voor Aalscholver Doiklari. "Helpen jullie me alsjeblieft om hem thuis te krijgen," vroeg hij aan de vogels. Iedereen greep nu een stukje van het lange, lange vel en zo lukte het de vogels de slangehuid van de grond te tillen en naar het huis van Aalscholver Doiklari te vliegen.

"Nu moet je ons belonen," zeiden de vogels. "Goed," zei Aalscholver Doiklari, "iedereen kan het stukje vel houden dat hij voor mij gedragen heeft." Blij vlogen de vogels weg, de een met een stukje rood, de ander met een stukje geel of groen of blauw of wit...

En zo vliegen ze tot vandaag de dag rond. Aalscholver Doiklari bleef achter met een zwart verenjasje, want hij had de zwarte kop van Boa Water-Wurgslang overgevlogen. IJdele Kolibri was zeer tevreden. Wat was zij mooi rood. "Pech gehad," lachte zij tegen Toekan Koejake, die alleen maar een rode band over zijn gele buik had gekregen. "Je hebt zelf pech gehad, krielkip," viel Toekan Koejake tegen haar uit.

Dat kon Kolibri, die de allerkleinste vogel van het bos was, niet hebben. "Ik zal je leren om mij krielkip te noemen," en zij vloog naar de grootste vogel van het woud. "Arend, weet je wat Toekan Koejake zegt... Dat jij net zo monsterachtig bent als Aboma."

"O ja!!!" Arend Gonini klapwiekte met zijn reusachtige vleugels dat Kolibri ervan omviel, en weg was hij, naar het huis van Toekan Koejake. Hij bonsde op de deur en riep: "Koejake, doe open! Ik ben het!" - "Gonini," schrok Toekan Koejake, "wat is er?" - "Doe open, dan zul je het zien."

Voorzichtig deed Toekan Koejake de deur op een kiertje open en direct kreeg hij een klap op zijn snavel, en nog één, en nog één... "Ik zal je leren om je snavel te gebruiken om mij te belasteren," gilde Arend Gonini. Toekan Koejake kreeg geen kans om zich te verdedigen. De klappen kwamen zo hard aan en waren zo talrijk, dat zijn snavel ervan opzwol. Hij zag er niet uit!

Tot op de dag van vandaag loopt Toekan Koejake met zo'n grote snavel rond.


*   *   *

De beloning Samenvatting
De grootste vijand van alle vogels, de Boa Water-Wurgslang, wordt door de aalscholver gevangen. Als beloning mag hij de veelkleurige huid houden, maar deze is te zwaar om te tillen. Alle andere vogels helpen hem en ieder krijgt een stukje van de huid; dat verklaart de kleuren van de vogels. Lees het verhaal

Toelichting
Een combinatie van Indiaanse verhalen, waarin vaak wordt verteld hoe dieren of vogels aan hun uiterlijk, stem of lied of een bepaalde eigenschap komen.

Trefwoorden


Thema

Verhaalsoort

Bron
"Volksverhalen uit kleurrijk Nederland. Dieren. Dierenverhalen uit de Chinese, Joodse, Nederlandse, Indiase, Turkse, Surinaamse, Marokkaanse en Indonesische verteltraditie" Lemniscaat, Rotterdam, 1990.

Herkomst: Suriname
Verteltijd: ca. 5 min.
Leeftijd: vanaf 7 jaar

Lees ook