Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 11 min.
Herkomst:




De dierenmelk Een Russisch sprookje over het eenzame lot van een koningszoon

Hebben jullie wel eens van draak Drakowitsj gehoord? Als dat zo is, dan weten jullie hoe hij er uitziet, en wat hij allemaal doet. Maar in het geval jullie nooit van hem hebben gehoord, ga ik nu een sprookje over hem vertellen: hoe hij zich had veranderd in een knappe jongeman, een vlotte waaghals, en in die gedaante voortdurend bij de mooie vorstin aan huis kwam.

Het is waar dat de vorstin een schoonheid was met zwarte wenkbrauwen, maar buitengewoon hoogmoedig was ze ook. Voor eerlijke mannen had ze nauwelijks een woord over, en eenvoudige mensen mochten niet bij haar in de buurt komen. Alleen met draak Drakowitsj fluisterde en smoesde ze eindeloos. Waarover? Wie zou het kunnen zeggen?

Haar echtgenoot, vorst Vorstowitsj, Iwan de koningszoon, hield zich volgens de gewoonte van tsaren en vorsten met de jacht onledig. Maar zijn jachtgevolg was, om de waarheid te zeggen, niet te vergelijken met een van onze soort: niet alleen de honden, maar ook de vossen, de hazen en alle wilde dieren waren hem onderdanig; ook de sperwers en valken dienden hem trouw en vol toewijding. En ieder dier deed het met datgene waarin het uitblonk: de vos met zijn slimheid, de haas met zijn snelheid, de adelaar met zijn vleugels, de raaf met zijn scherpe snavel. Kortom: vorst Vorstowitsj, Iwan de koningszoon, was door zijn jachtgevolg onoverwinnelijk, en vormde zelfs een bedreiging voor draak Drakowitsj, ofschoon deze toch werkelijk tot alles in staat was. Maar wat hij ook verzon, hoe hij het ook aanlegde om de vorst op de een of andere manier te vernietigen - niets ervan gelukte.

Toen kwam de vorstin hem te hulp. Ze sloeg haar lichtende ogen zielvol op, liet haar blanke armen omlaag zinken, en ging liggen alsof ze ziek was. Haar man schrok ervan en vroeg opgewonden waarmee ze genezen kon worden. "Niets kan me helpen," zei ze, "dan alleen de melk van een wolvin. Daarin moet ik me wassen en baden."

Haar man ging er op uit om wolfsmelk te halen en nam zijn jachtgevolg mee. Ze kwamen een wolvin tegen, en nauwelijks had deze vorst Vorstowitsj gezien, of ze viel aan zijn voeten neer en vroeg met smekende stem: "Vorst Vorstowitsj, Iwan koningszoon, wees mij genadig! Beveel me wat dan ook: alles zal ik voor je doen!" - "Geef me dan van je melk."

Terstond molk ze van haar melk voor hem af en gaf hem uit dankbaarheid een van haar jongen ten geschenke. Iwan de koningszoon voegde het wolfsjong aan zijn jachtstoet toe, maar de melk bracht hij aan zijn vrouw. Deze had gehoopt dat haar man er het leven bij zou verliezen, maar hij was ongedeerd thuisgekomen - daar was nu eenmaal niets aan te doen. Ze waste zich met de wolfsmelk, ze baadde zich erin, en stond op alsof haar nooit iets had gemankeerd. Haar man was er blij om.

Na korte of lange tijd werd ze weer bedlegerig. "Niets kan me helpen," zei ze, "dan alleen berenmelk." Iwan de koningszoon nam zijn jachtstoet mee en ging op zoek naar berenmelk. De berin merkte welk gevaar er op haar afkwam, viel aan zijn voeten neer en smeekte met tranen: "Genade! Ik zal alles doen wat je beveelt." - "Goed, geef me dan van je melk."

Terstond molk ze van haar melk voor hem af en gaf hem uit dankbaarheid een berenjong ten geschenke. Iwan de koningszoon keerde opnieuw gezond en wel bij zijn vrouw terug. "Nu, mijn lieve man, bewijs me nog één dienst, doe me één plezier, toon me voor de laatste maal je vriendschap, en breng me leeuwenmelk - dan zal ik niet meer ziek zijn, dan zal ik voortdurend liedjes zingen en neuriën, en iedere dag voor je opvrolijken."

De vorstenzoon wilde zijn vrouw gezond en vrolijk zien; hij trok er dus op uit om een leeuwin te zoeken. Dat was geen gemakkelijke opgaaf, want de leeuw hoort immers thuis in vreemde landen. Hij nam zijn jachtgevolg mee. De wolven en de beren verspreidden zich in de bergen en dalen, de sperwers en valken stegen op in de lucht en vlogen daarna naar alle kanten door het struikgewas en de bossen - en de leeuwin viel als een nederige dienares aan de voeten van Iwan de koningszoon neer. De vorst bracht de leeuwenmelk, zijn vrouw werd weer gezond en vrolijk.

Toch vroeg ze hem opnieuw: "Mijn vriend, mijn geliefde, nu ben ik gezond en vrolijk, maar ik zou nog mooier zijn als je je de moeite wilde geven me het toverstof te verschaffen: het ligt achter twaalf deuren, achter twaalf sloten, in de twaalf hoeken van de duivelsmolen."

De vorst ging op weg - blijkbaar was dit zijn lot. Hij kwam bij de molen, en de sloten gingen vanzelf open, de deuren ook. Iwan de koningszoon raapte het stof op en keerde om - en de deuren gingen weer dicht, de sloten ook. Hij was nu buiten, maar zijn hele jachtstoet moest binnenblijven. Ze rukten met veel lawaai aan de deuren, ze beten en krabden en probeerden deze met hun tanden en klauwen stuk te krijgen.

Lange tijd bleef Iwan de koningszoon wachten, maar eindelijk keerde hij bedroefd naar huis terug; hij had een gevoel of zijn maag zich omdraaide en of een kou zijn hart bekroop. Toen hij thuiskwam, liep zijn vrouw daar jong en vrolijk rond en in het paleis deelde draak Drakowitsj de lakens uit. "Welkom, koningszoon, hier heb ik een geschenk voor je: een zijden strop voor je hals." - "Wacht, draak," zei de koningszoon, "ik ben in je macht, maar ik wil niet treurend sterven - luister, ik zal je drie liederen voorzingen." Hij zong het eerste lied en de draak luisterde als betoverd. Maar de raaf die bezig was geweest op een aas in te hakken en daardoor niet in de val was gelopen, kraste: "Zing! Zing! Koningszoon, je jachtstoet heeft al drie deuren doorgeknaagd." De vorst zong een tweede lied, en de raaf riep: "Zing! Zing! Je jachtstoet heeft al de negende deur kapot geknaagd."

"Genoeg, hou op!" siste draak Drakowitsj. "Strek je hals naar voren en doe er de strop omheen." - "Hoor nog dit derde lied. Ik heb het voor mijn bruiloft gezongen en zal het nu ook zingen voor mijn dood." Hij rekte het lied zo lang mogelijk, en de raaf kraste: "Zing! Zing! Koningszoon, je jachtstoet verbreekt net het laatste slot." Iwan de koningszoon zong het lied ten einde, strekte toen zijn hals uit en riep voor de laatste maal: "Vaarwel, helder licht! Vaarwel, mijn jachtgevolg." Maar nauwelijks had hij deze woorden uitgesproken, of het jachtgevolg kwam er aan: het vloog sneller dan een wolk, het kwam er aangalopperen als een legermacht. De draak werd door de dieren in stukken gescheurd en de vogels pikten de vrouw met hun snavels dood.

Iwan de koningszoon bleef zijn hele verdere leven heel alleen achter met zijn jachtstoet. Zijn eenzaamheid bedroefde hem diep, en hij zou toch een beter lot waardig zijn geweest... Naar men zegt, werden er in oude tijden zulke helden geboren, maar wij hebben alleen de sprookjes over hen bewaard.


*   *   *

De dierenmelk Samenvatting
Een Russisch sprookje over het eenzame lot van een koningszoon. Draak Drakowitsj neemt bij een vorstin de plaats in van haar echtgenoot, vorst Vorstowitsj. Om van haar eega af te komen veinzt de vorstin ziektes, waarvan ze alleen kan genezen als hij telkens een bepaald soort dierenmelk haalt. Uiteindelijk overwint de vorst de draak en zijn vrouw, maar leeft hij een eenzaam leven. Lees het verhaal

Trefwoorden

Thema

Verhaalsoort

Bron
"Russische Volkssprookjes" door A.N. Afanasjew. Uitgeverij Het Spectrum, Utrecht/Antwerpen, 1964.

Herkomst: Rusland
Verteltijd: ca. 11 min.
Leeftijd: vanaf 11 jaar

Lees ook