Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 4 min.
Herkomst:

De marketentster van de Fransebaan Een sage uit Oisterwijk over Trientje de Fransman

Trientje de Fransman was een marketentster. Dat was in 1813. Ze is toen met het leger van Napoleon meegekomen over de Franse Baan. Napoleon is daar in de Franse Baan verslagen. De mensen maakten er een versje van:
"Trieneke de Fransman
die met het leger hier kwam
Napoleon is over de Franse Baan
met de legers op de vlucht gegaan."
Trientje was een marketentster. Haar man was bij het leger en zij liep met hem mee. Achteraan. Ze had een leren riem om en daar hing een kruikje met jenever aan. Haar man is met Napoleon weggevlucht en nooit meer teruggekomen. Trientje is toen hier 'op de hei' blijven wonen. Ze bouwde een hutje van masten (dat zijn van die lange dennen) en van rijshout (dat zijn lange wilgentakken). Met dennen en takken vlocht ze de muren van het hutje en smeerde dat dicht met leem en koeienpoep. Dat werd dan heel hard.

Ze verkocht in haar huisje jenever, tabak en bier. Er kwamen ook veel stropers. De mannen kwamen bij Trientje wat drinken. Ze was altijd de hele nacht op. Ze ging niet naar bed. Toen ze hier kwam als marketenster was ze nog een meisje van 23 jaar. Ze heeft hier nog tot 1870 gewoond. Ze was toen 80. Toen werd ze ziek. De mensen zeiden dat ze haar ziel aan de duivel had verkocht. Dat was, omdat ze de mannen in haar huisje liet zuipen en lallen tot diep in de nacht.

Het ging als een lopend vuurtje rond: "Trientje de Fransman is doodziek!"

Nu woonde er in Haaren een zekere 'Keesje'. Hij was zo ongeveer dokter. Hij had allerlei kruiden. Hij was naar Trientje toegegaan en had gezegd: "Trientje, je gaat dood. Wil je de pastoor hebben?" - "Nee," zei Trientje, "dat wil ik niet. Dat werk ik zelf wel met Onze Lieve Heer af."

Nou, er zijn vijf pastoors geweest: uit Haaren, Boxtel, Oirschot, Moergestel en uit Oisterwijk. Maar Trientje wilde van de pastoors niets weten. De pastoors dachten dat ze recht naar de hel ging. Ze hebben het allemaal geprobeerd. Alleen de Oisterwijkse pastoor bleef. Trieneke moest van hem de duivel afzweren: ze mocht niets meer met hem te maken hebben. Ze moest zeggen: "Ik verzaak aan de duivel." Maar Trieneke zei niets.

"Zeg het nu," zei de pastoor. Maar Trieneke zei niets. "Zeg het nu," zei de pastoor weer. Tenslotte zei Trieneke: "Ik verzaak aan Mijnheer de Duivel."

"Waarom zeg je nu 'mijnheer' tegen de duivel?" vroeg de pastoor.

"Ik ben niet gek," zei Trieneke. "Als ik toch naar de hel moet, dan houd ik de duivel liever tot vriend."


*   *   *

De marketentster van de Fransebaan Samenvatting
Een sage uit Oisterwijk over Trientje de Fransman. Wanneer een vrouw - Trientje, die bekend is als iemand die midden in de nacht jenever, tabak en bier verkoopt aan stropers - op sterven ligt, worden alle pastoors uitgenodigd om haar ziel te redden. Ze vragen haar te verzaken aan de duivel, maar Trientje doet dat op geheel eigen wijze... Lees het verhaal

Toelichting
Een marketentster (ook: zoetelaar of zoetelaarster) was een wasdame van een legereenheid. Vaak was de vrouw getrouwd met een militair beneden de rang van onderofficier. Legereenheden die te velde trokken werden vaak vergezeld van die dame die de soldaten in haar eenheid, tijdens de rustpauzes, voorzag van een borreltje en een hartig hapje. Het leger kende toentertijd nog geen eigen kantinedienst. Tijdens het verblijf in de kazerne verzorgden de marketentsters de soldatenkantine en verrichtten ook werkzaamheden als het wassen en onderhouden van de kleding van de soldaten.

In de negentiende eeuw werd in het Nederlandse leger de functie van marketentster aan strikte regels gebonden. Zo werd o.a. bepaald dat de marketentster getrouwd moest zijn met een lid van het onderdeel. Ook werd vastgelegd wat zij mocht verkopen en tegen welke prijs. Naast een uniform dat een sterke gelijkenis vertoonde met dat van haar eenheid, kreeg de marketentster ook een penning waarop haar naam en het legeronderdeel was vermeld. Het Nederlandse leger kende nog tot in de twintigste eeuw marketentsters. Daarna werd hun functie overgenomen door de kantinedienst. De Koninklijke Landmacht maakt bij ceremoniële gelegenheden nog gebruik van marketentsters. Sinds 1973 hebben de Limburgse schutterijen weer officiële marketentsters in uniform, die ook aan wedstrijden deelnemen.

Het begrip is afgeleid van markentare, dat 'verkopen' betekent.

Bron: Wikipedia

Trefwoorden


Verhaalsoort

Bron
Geschreven en verteld door Marleen Groenland voor het project 'Nederlandse gemeenten en hun sagen'. Oktober/november 2008.

Herkomst: Noord-Brabant
Verteltijd: ca. 4 min.
Leeftijd: vanaf 10 jaar

Lees ook