Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 4 min.
Herkomst:




De vogel Feniks Een vertelling van Hans Christian Andersen over de vogel Feniks

In de tuin van het paradijs, onder de boom der kennis, stond een rozenhaag. Hier, in de eerste roos, werd een vogel geboren, zijn vlucht was als die van het licht, heerlijk was zijn kleur, heerlijk zijn zang.

Maar toen Eva de vrucht van de boom der kennis brak, toen zij en Adam uit de tuin van het paradijs werden verjaagd, viel van het vlammend zwaard van de straffende engel een vonk in het nest van de vogel en deed het in vlammen opgaan. De vogel stierf in de vlammen, maar uit het rode ei vloog een nieuwe, de enige, de steeds enige vogel Feniks. Het verhaal vertelt dat hij in Arabië woont en elke honderd jaar zichzelf in zijn nest verbrandt, en dat een nieuwe feniks, de enige in de wereld, uit het rode ei wegvliegt.

De vogel fladdert om ons heen, snel als het licht, verrukkelijk van kleur, heerlijk van lied. Wanneer moeder aan de wieg van haar kind zit is hij aan het hoofdeind en slaat met de vleugels een aureool om het hoofd van het kind. Hij vliegt door de kamer van de armoede en brengt zonneglans daarbinnen, de armelijke commode geurt van violen.

Maar de vogel Feniks is niet alleen de vogel van Arabië. Hij fladdert in de glans van het Noorderlicht over de ijsvelden van Lapland, hij springt tussen de gele bloemen in de korte zomer van Groenland. Onder de koperrotsen van Fahlun, in de steenkolenmijnen van Engeland, vliegt hij als een gepoederde mot, over het gezangboek van de vrome arbeider.

Hij vaart op het lotusblad in de heilige wateren van de Ganges, en het oog van het Hindoemeisje straalt wanneer zij hem ziet. De vogel Feniks! Ken je hem niet? De vogel van het paradijs, de heilige zwaan van het lied. Hij zat op de kar van Thespis als een lasterende raaf, en sloeg met zijn zwarte met droesem besmeurde vleugels; over de harp van IJslandse zangers gleed de rode zingende snavel van de zwaan; op de schouder van Shakespeare zat hij als Odins raaf en fluisterde hem in het oor: "Onsterfelijkheid." Hij vloog bij het zangersfeest door de ridderzaal van de Wartburg.

De vogel Feniks: ken je hem niet? Hij zong de Marseillaise voor je en je kuste de veer die van zijn vleugel viel; hij kwam in de glans van het paradijs en jij wendde je misschien af naar de spreeuw, die daar zat met bladgoud op de vleugels.

De vogel van het paradijs! Iedere eeuw vernieuwd, in vlammen geboren, in vlammen gestorven, je beeld, in goud gevat, hangt in de zalen van de rijken; zelf vlieg je dikwijls eenzaam en verdwaald - een sage slechts: de vogel feniks in Arabië.

In de tuin van het paradijs, toen je geboren werd, onder de boom der kennis, in de eerste roos, kuste God je en gaf je je echte naam - de poëzie.


*   *   *

De vogel Feniks Samenvatting
Een vertelling van Hans Christian Andersen over de vogel Feniks.

Toelichting
Zie ook Vogel van de zon uit Egypte, het Chinese sprookje De Feniksberg en het Joodse verhaal De vogel Milcham.

De feniks is een fabeldier uit de Griekse mythologie en de Chinese mythologie. De Grieken geloofden dat de feniks in staat was steeds weer opnieuw uit zijn eigen as herboren te worden. Hij zal dan bovenin een boom van kruiden een nest maken en daarin verbranden. Door de geur van de kruiden zal hij opnieuw geboren worden. In de Chinese cultuur staat het dier voor het vrouwelijke geslacht op de wereld.

Ook schreef de Latijnse dichter Ovidius in een gedicht dat de Assyriërs de vogel feniks noemen. Hij zou geen zaden en grassen eten, maar het sap van sappige kruiden gebruiken als levensmiddel. Na vijfhonderd jaar geleefd te hebben zou de feniks hoog in een palmboom een nest van schors, kruiden en mirre maken. Als hij erin zat vloog het in brand. De geur van de kruiden nemen de ziel van de oude feniks mee. Het lichaam verbrandt en er komt een kleine feniks uit. Hierin nam de oude ziel weer plaats om weer 500 jaar te leven.

Voordat hij door de Grieken werd teruggehaald, verscheen de feniks, de goddelijke vogel, voor het eerst in Egypte; het is een grijsachtige reiger, een dier, dat verbonden was aan de seizoenen en getijden van het water van de Nijl. De Egyptenaren dachten dat hij zichzelf voortplantte om mee te doen aan de feesten van de wedergeboorte van de natuur.

Het christelijk geloof zag in de feniks het symbool van de herrijzenis.

Trefwoorden

Verhaalsoort

Oorspronkelijke titel

Engelse titel

Bron
"Hans Christian Andersen. Sprookjes en verhalen" opnieuw uit het Deens vertaald door Dr. Annelies van Hees. Uitgeverij Lemniscaat, Rotterdam, 1997.

Herkomst: Denemarken
Verteltijd: ca. 4 min.
Leeftijd: vanaf 10 jaar

Lees ook