Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 6 min.
Herkomst:

De zoon van de kolenbrander

Er was eens een kolenbrander die zich de nagels uit de vingers moest werken om zichzelf en zijn vrouw en zes kinderen te onderhouden.
Tot overmaat van ramp kwam er nog een zevende kind bij, een reusachtig venije. Het knaapje groeide op tot een boom en werd daarom Goliath genoemd. Eten dat de jongen kon! 't Was verschrikkelijk.
Toen hij vijftien was zei de vader:
'Goliath, ik kan je niet langer de kost geven. Ga de wijde wereld in en zorg maar dat je aan je trekken komt.'
Da t liet de jongen zich geen twee keer zeggen. Hij omhelsde zijn ouders, broers en zusters, en vertrok.
Toen hij dagen en weken had gelopen en veel honger had geleden zag hij dichtbij een bos een koopman die een ezel aan een touw meevoerde.
Het dier droeg een zak geld.
'Je ezel is zwaar beladen, vriend, zei Goliath. 'Ja, hij draagt de spil van de wereld. Maar ikvrees dat de rovers hem in het bos wel lichter zullen maken.'
'Er is geen gevaar bij als je mij in je dienst neemt. Ik vraag niets dan de kost.'
'Goed,' zei de koopman, 'kom maar mee.' Ze trokken door het bos en werden door een bende struikrovers overvallen. Goliath sloeg er een tiental dood en de overigen sloegen op de vlucht.
'We hebben hard gewerkt, nu gaan we eens goed eten,' zei de koopman.
Ze gingen zitten om hun maal te gebruiken terwijl de ezel zich te goed deed aan de distels die er in overvloed groeiden.
De jonge reus werkte zulke hoeveelheden brood en spek naar binnen dat de koopman van kleur verschoot. Toen gingen ze weer op pad.
Aan het einde van de dag werd de ezel aan een boom gebonden en de mannen legden zich het zachte mos te slapen.
Goliath sliep al gauw en ronkte als een spinnewiel. Terwijl hij sliep poetste zijn metgezel met zijn ezel de plaat en liet de slaper aan zijn lot over.
Toen Goliath wakker werd zocht hij zijn makker tevergeefs. Wat te doen? De reis voortzetten was het enige dat hem overbleef Na een eind gelopen en veel honger te hebben geleden kwam hij bij de zee. Daar lag een schip zeilklaar, maar het kon niet vertrekkei bij gebrek aan matrozen.
Goliath stelde voor dat hij in ruil voor de kost al het werk zou doen.
'Goed,' zei de kapitein.
Alles ging naar wens tot Goliath een staaltje van zijn eetlust ten beste had gegeven. De bemanning van het schip werd bang dat er hongersnood zou komen als die onhebbeljke reus aan boord bleef en ze besloten zich van hem te ontdoen.
De stuurman kreeg bevel het vaartuig in de richting van een hoge steile rots te sturen. Goliath, die uit moest kijken naar een vuurtoren, beklom de rots en intussen voer het schip weg. De reus kon razen en tieren wat hij wilde, het hielp niet.
Hij zwom het schip na, maar kon het niet inhalen. Gelukkig zag hij een eiland, waar hi voet aan wal zette. Daar zat een oude man die bittere tranen huilde. Goliath vroeg hem naar de reden van zijn verdriet.
'Ik heb in de sterren gelezen,' zei de oude, 'dat de koning deze nacht zal sterven. Als opvolger op de troon wordt de eerste vreemdeling benoemd die de hoofdstad binnenkomt als hij zijn laatste adem heeft uitgeblazen. Met dat vooruitzicht ben ik op reis gegaan en hier zit ik, uitgeput en wanhopig. Ik had mijn laatste jaren op de troon kunnen eindigen en nu zal ik van ellende sterven!'
'Troost je makker,' zei de reus, 'ik breng je naar de hoofdstad.'
Hij zette de oude op zijn schouders en stapte met reuzenstappen op zijn doel af. Precies op het ogenblik dat hij aan de stadspoort kwam kondigde een schildknaap de dood van de koning aan.
De reus zette de oude man op de grond, maar die verroerde geen vin. Goliath dacht dat zijn metgezel was ingeslapen en schudde hem door elkaar om hem wakker te maken, maar de arme drommel was dood.

Toen ging hij de stad binnen en werd koning van het eiland. Zolang zijn regering duurde werd in zijn paleis goede sier gemaakt. Het was er alle dagen feest. En ook de arme mensen werden niet vergeten, want koning Goliath wist uit ondervinding wat hongerljden was.


*   *   *

De zoon van de kolenbrander Samenvatting
Een arme kolenbrander krijgt een zevende zoon, die uitgroeit tot een hulpvaardige maar reusachtige man met veel eetlust. Als de zoon 15 jaar wordt stuurt zijn vader hem de wijde wereld in. Lees het verhaal

Trefwoorden


Verhaalsoort

Herkomst: Europa
Verteltijd: ca. 6 min.
Leeftijd: vanaf 7 jaar

Lees ook