Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 7 min.
Herkomst:




Diderich en Arend van de Nijburg Een legende over een broedermoord in de Over-Betuwe

De Nijburg in de Over-Betuwe was een prachtig kasteel dat trots omhoog rees uit de slotgracht. Er gingen wel vreemde verhalen rond over dit kasteel. Zwarte ridderDe kasteelheren zouden een zwarte hengst hebben die rond middernacht door de dichte staldeuren heen stapte en dan door de lucht stormde, terwijl het ploffen van zijn hoeven op de wolken beneden als zwaar onweer klonk.

De heren van Nijburg waren Diderich en Arend die het machtige slot - een onneembare veste - van hun vader hadden geërfd. Het waren stoere ridders die vaak door de omwonenden in de velden werden gezien, galopperend op hun paarden. Soms zelfs gingen de broers naar toernooien in Gelderland of naar het buitenland. Er werd verteld dat een van de Nijburgers er dikwijls als 'zwarte ridder' op uit trok en dan op de toernooien verscheen op een zwart paard in een zwart maliënkolder of harnas waarop aan de buitenzijde geen kentekenen waren aangebracht.

Ook werd verteld dat de broers in de wapenzaal vaak met elkaar vochten. Tot ver in de omgeving was dan het wapengekletter te horen. Soms worstelden ze, bij wijze van oefening, maar ze waren allebei even sterk en konden van elkaar niet winnen. De broers waren niet alleen vechtlustig, maar soms ook verschrikkelijk driftig. Zo ging het verhaal dat Arend eens een wacht van het kasteel met één klap over de borstwering sloeg, zodat de man in de slotgracht verdronk.

Bij Heteren lag in die tijd een oude boerderij, 'Vorst' genaamd. Ze behoorde aan de heren van Nijburg en die hadden haar voor een groot bedrag verpacht. Over die pacht nu ontstond de ruzie tussen Diderich en Arend. Arend zei dat er te weinig door de pachters werd betaald, maar Diderich stond op het standpunt dat ze die mensen veel te veel lieten betalen. Sommige mensen wisten te vertellen dat Diderich een zwak had voor de boerderij 'Vorst' omdat hij daar eens een mooi avontuurtje had beleefd.

De pacht was een steeds terugkerend onderwerp waarover ruzie werd gezocht en ieder jaar zag de boer van de 'Vorst' zijn pachtheren woorden hebben over de pachtsom als hij kwam betalen. Ze konden het maar niet eens worden en de pachtsom bleef zoals hij jaren was geweest.

Toen er weer een jaar voorbij was en de pacht moest worden afgerekend had de boer het geld in de linnenkast klaarliggen. In de verte zag hij de broers op hun paarden aankomen en ze bleven, zoals gebruikelijk, op de Juffersweerd voor de boerderij staan om het geld in ontvangst te nemen. De boer holde vanaf het veld naar huis om het geld te halen terwijl de heren weer aan het ruziemaken waren over het bedrag dat zou moeten worden betaald. Deze keer duurde het wel erg lang. Van achter zijn raam zag de boer hoe de broers tekeer gingen, zo hard zelfs dat hun paarden steigerden. Ze vloekten en scholden en Arend riep dat de pachtsom omhoog moest. Diderich gaf niet toe en zei dat hij het met Arend eens moest worden om de pachtsom te halveren. Ze raasden en tierden en toen daagde Arend zijn broer uit tot een tweegevecht.

De boer kromp ineen van schrik toen hij zag wat er ging gebeuren en even later hoorde hij het gekletter van de wapens. De strijd scheen weer onbeslist te blijven, maar toen gleed Diderich uit en Arend stak zijn broer dood. Verbijsterd bleef Arend staan toen hij zich realiseerde wat hij had gedaan. Hij had zijn broer in koelen bloede vermoord... Van verdriet wist hij niet meer wat hij deed en hij zette zijn zwaard in de grond en gooide zichzelf erin. Toen Arend en Diderich waren begraven werden de wildste verhalen over hen verteld en er heerste veel geheimzinnigheid rond het verlaten kasteel.

Toen de boer van de 'Vorst' eens tegen middernacht thuiskwam hoorde hij op de Juffersweerd bij zijn boerderij plotseling een vreemd geluid. In het donker zag hij de silhouetten van twee vechtende mannen. Hij zag ook de stoot die Arend Diderich gaf en daarna de zelfmoord... Met een schreeuw en verschrikkelijk ontdaan rende de pachter naar huis waar hij dagenlang ziek is geweest. Hij vertelde zijn belevenissen tegen de dorpelingen en die konden hun nieuwsgierigheid niet bedwingen.

Tegen middernacht gingen ook zij naar de Juffersweerd en dan zagen ze het gevecht op leven en dood van de beide broers. Dat was de straf die de broers kregen. Hun zielen hadden geen rust en iedere nacht opnieuw moesten zij voor hun leven vechten.


*   *   *

Diderich en Arend van de Nijburg Samenvatting
Een legende over een broedermoord in de Over-Betuwe. Twee broers van kasteel Nijburg (Heteren) hebben al jaren ruzie over de pachtprijs van een van hun boerderijen. Op een dag mondt dat uit in een duel, waarbij de één de ander doodt. Van schrik en verslagen pleegt de broer zelfmoord. Sindsdien vechten hun schimmen elke nacht weer dezelfde strijd... Lees het verhaal

Toelichting
De Nijburg (of: Nyenborch) is een 14e eeuws kasteel in Randwijk/Heteren (Gelderland). Sinds 1372 bekend als bezit van de heren van Homoet, in 1486 overgegaan aan de graven van den Bergh. In 1797 verkocht aan de familie Ockhorst. Nu zijn alleen nog de zware aarden wallen zichtbaar. Zie: www.de-nijburg.nl.

J.R.W. Sinnighe schrijft in zijn "Geldersch Sagenboek" over kasteel Nijburg:

In den Spaanschen tijd werd het slot Nijburg te Heteren voortdurend belegerd. Het was door den bewoner echter zoo goed vertsterkt, dat de pogingen om het slot te vermeesteren, telkens faalden. Ten laatste trokken de Spanjaarden alle krachten samen, beschoten dag en nacht den burcht en bestormden hem. Toen zij er binnendrongen was alles uitgestorven in het eenzame slot; misschien waren allen langs geheime, onderaardsche gangen gevlucht. Alleen de ridder zat in de zaal te werken: hij had een geschrift voor zich. De vijand drong binnen en eischte, dat hij zich overgaf. "Nu niet en nooit niet," antwoordde de ridder, nam een hout van het vuur en stak die in een vat buskruit. Toen vloog hij met zijn vijanden in de lucht. Van het kasteel bleef slechts een puinhoop over. Eens was de boer met zijn volk op het land, het Kerkhof, bezig en stiet op een zwaren steenen vloer. De vloer van een geheel vertrek kwam bloot met een ontzaglijke haardstede, waarop nog houtskool van onverteerd dennenhout gevonden werd.

Trefwoorden

Verhaalsoort

Bron
"Spokerijen in Gelderland. Verhalen over reuzen, heksen, witte juffers, weerwolven, ridders en jonkvrouwen uit de 'Geldersche Volks-Almanak' van 1835 tot 1904, 1942 en 1947" opnieuw verzameld en bewerkt door Ria Lissenberg-Hörter. Europese Bibliotheek, Zaltbommel, 1974.

Herkomst: Gelderland
Verteltijd: ca. 7 min.
Leeftijd: vanaf 10 jaar

Lees ook