Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 5 min.
Herkomst:




Het hert dat een wonder verrichtte Een sage uit Duitsland over het ontstaan van de Lübecker Dom

Op de Lübecker Dom kan men twee beelden zien. Het ene toont een jager met pijl en boog, het andere een statig hert. Aan deze beelden is een sage verbonden, die volgens overlevering is terug te voeren tot de oprichting van de dom.

Toen keizer Karel de Grote lange tijd geleden ten strijde trok tegen de Saksen en zijn manschappen na een vermoeiende tocht, behoefte hadden aan een lange rustpauze besloot de keizer, als tijdverdrijf voor zichzelf en voor zijn veldheren, een jacht op touw te zetten.

Ze joegen in de uitgestrekte wouden, die destijds rijk aan rood- en zwartwild waren. Op een open plek ontdekten de jagers een bijzonder statig hert. Omdat ze hun keizer wilden verrassen, zetten ze onmiddellijk de achtervolging in. Ze joegen het dier zolang op, tot het uitgeput neerviel. Daarna bonden ze het vast en brachten het naar hun vorst.

Karels vreugde kende geen grenzen. Hij besloot, het hert niet te doden, maar naar Aken te brengen, waar hij de bewondering zou krijgen die hem toekwam.

Toen de keizer dit aan zijn gevolg meedeelde, begon het gebonden dier te sidderen en het leek, alsof zijn ogen zich met tranen vulden. Daarin weerspiegelde zich zo smekend de bede om vrijheid, dat Karel zijn dienaren het bevel gaf, zijn juwelenkist te halen.

Hij legde het prachtige dier een gouden ketting om zijn gewei, met een kruis, ingelegd met diamanten, en zei: "Keer terug in de uitgestrekte bossen en draag deze ketting als teken dat je bent uitverkoren. En als je eens iemand zult ontmoeten, dan geef je hem, met dit kruis, ook een aanzet voor een goede daad."

Na deze keizerlijke woorden bevrijdden de jagers het hert van zijn boeien. Het dier keek de keizer zo diep in de ogen, alsof het hem zijn dankbaarheid wilde tonen. Daarna verdween het in de dichte bossen.

Sindsdien waren honderden jaren voorbijgegaan. En deze geschiedenis zou zeker in de vergetelheid zijn geraakt, als niet hertog Frederik de Leeuw met zijn gevolg in dezelfde bossen een grote jacht had georganiseerd. In gedachten verzonken liet de hertog zich door zijn paard meevoeren, tot hij, zonder het te hebben bemerkt, in het dichte struikgewas belandde. Plotseling week het paard terug.

De hertog keek verrast op. Voor hem op een open plek stond een statig hert, om zijn reusachtig gewei een gouden ketting met een diamanten kruis. Haastig haalde Frederik een pijl uit zijn koker en spande hem op de boogpees. Snel richtte hij en schoot... Maar de pijl miste zijn doel en boorde zich in een dichtbij staande eik. Juist wilde de hertog weer zijn koker pakken, toen het hert naderbij kwam en zijn gewei voorover boog, alsof hij hem het kostbare sieraad wilde aanbieden.

Frederik de Leeuw aarzelde geen moment. Hij sprong van zijn paard en maakte de gouden ketting voorzichtig vrij. Toen dit was gebeurd, hief het hert zijn kop op en was in de uitgestrekte bossen verdwenen, voordat de hertog zich weer kon oprichten.

Zo keerde na vier eeuwen het waardevolle kruis in keizerlijke handen terug. En weldra kwam ook Karels voorspelling uit over de goede daad. Voor het geld, dat Frederik de Leeuw door verkoop van het juweel ontving, liet hij namelijk op diezelfde open plek de huidige Lübecker Dom bouwen, waarvoor hij zelf de eerste steen legde.


*   *   *

Het hert dat een wonder verrichtte Samenvatting
Een sage uit Duitsland over het ontstaan van de Lübecker Dom. Wanneer Karel de Grote op jacht is en een hert vangt, krijgt hij medelijden met het dier. Hij hangt het hert een gouden kruis om en laat het vrij. Vier eeuwen later is Frederik de Leeuw in dezelfde bossen op jacht en komt hetzelfde hert tegen... Lees het verhaal

Trefwoorden

Verhaalsoort

Bron
"Sagen van Europese steden" verteld door Vladimír Hulpach. Holland, Haarlem, 1980. ISBN: 90-251-0412-6

Herkomst: Duitsland
Verteltijd: ca. 5 min.
Leeftijd: vanaf 10 jaar

Lees ook