Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 16 min.
Herkomst:




Ilya van Moerom zoekt en vindt Svatogor

Op een mooie zomermiddag zong Dobrynia Nikitisj in een van de zalen van het paleis van Wladimir de ballade over de heldendaden van Svatogor. Hij begeleidde zijn gezang op de goesli en alle aanwezigen waren diep onder de indruk van zijn voordracht. Nadat Dobrynia de laatste strofe gezongen had, legde hij zijn goesli neer en zei: "Sommige mensen vertellen dat Svatogor zó zwaar was dat de aarde hem niet meer kon dragen en dat hij door zijn gewicht de grond in zakte en daar gestorven is."

De oude Wasiljevitsj onderbrak hem en zei: "Deze mensen vergissen zich. Svatogor is niet gestorven, hij leeft nog steeds in de Heilige Bergen. Hij rijdt daar op zijn paard rond en springt van de ene bergtop naar de andere, maar naar beneden zal hij niet meer komen." Toen Alyosja Popovitsj dit hoorde, kreeg hij ineens een idee. Hij wendde zich tot de vorst en sprak: "Veroorloof mij, machtige vorst van Kiev, ook een woord te zeggen. Wij zullen de waarheid nooit kunnen achterhalen, wanneer er niet iemand naar de Heilige Bergen wordt gestuurd om te zien of Svatogor inderdaad nog leeft. En wie zou hier meer voor in aanmerking komen dan onze held Ilya van Moerom?"

De vorst en zijn vrienden hadden al lang gemerkt dat Alyosja jaloers op Ilya was, omdat deze zijn plaats aan de grote eikenhouten tafel had ingenomen. Hij hoopte dat zijn tegenstander door Svatogor gedood zou worden, wanneer hij hem mocht ontmoeten. Ilya stond op en zei: "Heil zij u, onze meester en vader, vorst Wladimir! De jonge Alyosja heeft zeer wijze woorden gesproken, zoals ik trouwens ook van hem verwacht had. Ik zal, met uw toestemming, daarna naar de Heilige Bergen trekken om Svatogor daar te vinden. Het is trouwens niet goed voor een bogatyr om lang binnen te zitten en alleen maar feest te vieren."

Wladimir was verheugd bij het horen van Ilya's woorden. Hij vond het beter wanneer deze niet alleen zou gaan, maar vergezeld zou worden door een van de bogatyrs die Ilya zelf mocht aanwijzen.

De overwinnaar van rover Nachtegaal koos Dobrynia toen als reisgenoot uit. Als een lopend vuurtje verspreidde het gerucht zich door de stad dat twee van de meest bekende bogatyrs Svatogor in de Heilige Bergen zouden gaan zoeken. Dichte drommen mannen, vrouwen en kinderen verzamelden zich bij de westelijke stadspoort om hen te zien vertrekken. Hun geduld werd een tijdlang op de proef gesteld, maar toen de twee helden in volle wapenrusting op hun glanzende paarden in de verte verschenen, brak er een oorverdovend gejuich los. De mannen ontblootten hun hoofd en bogen diep terwijl de helden passeerden. Moeders tilden hun kleine kinderen in de hoogte om hen beter te kunnen laten zien en de jongens hadden al lang een plaatsje gevonden op de stadsmuur van waar zij de beide ruiters nog een tijd konden nazien. Glimlachend groetten de twee bogatyrs naar alle kanten, terwijl het volk riep: "Heil, machtige ridders! Heil, redders van ons land! Voorspoedige reis en behouden terugkomst!"

Ilya en Dobrynia waren zo geroerd door dit spontane afscheid van de stadsbevolking dat zij geen woord tegen elkaar spraken. Bij de Levanidov-weide aangekomen stegen zij af en liepen naar het grote houten kruis dat Wladimir eens uit Chersones had meegebracht, nadat hij tot het christendom was bekeerd. Dit Levanidov-kruis, genoemd naar bisschop Levantius, werd door de bogatyrs bezocht alvorens zij een gevaarlijke tocht ondernamen. Het was ook de plaats waar de ridders elkaar driemaal omhelsden en kusten, waar zij hun borstkruisen ruilden en elkaar eeuwige trouw zwoeren. Ook Ilya en Dobrynia deden dit en bleven daarna nog een tijd in stil gebed verzonken. Zij zetten hun tocht voort over eindeloze velden en weiden, zij baanden zich een weg door ondoordringbare oerwouden, over heuvels en dalen en zij lieten hun paarden over snelstromende rivieren zwemmen. Zij reden dagen en dagen voort, maar zij ontmoetten geen sterveling.

Na een week zagen zij de verse sporen van een paard in de zachte aarde. Ilya zei: "Ziet gij deze sporen, broeder? Ik vrees dat een heidense ruiter zich in ons gebied heeft gewaagd. Ik zou hem gaarne inhalen en tot een gevecht uitdagen, maar ik heb beloofd Svatogor te zoeken en kan deze gelofte niet verbreken. Maar gij kunt hem volgen en korte metten met hem maken. Ik zet mijn tocht voort en wij zien elkaar in Kiev weer." De twee bogatyrs namen afscheid van elkaar en reden ieder een andere kant uit.

Ilya reed nu alleen door woeste en onherbergzame streken. De enige levende wezens die hij ontmoette, waren wilde dieren. Af en toe zag hij zo'n gevaarlijk beest dat zich aan het gereedmaken was zijn paard te bespringen, maar vóór het zover was, lag het reeds dood ter aarde, doorboord door Ilya's speer.

Eindelijk doemden de Heilige Bergen in de verte op. Hoe dichter hij naderde, hoe ontoegankelijker hem de muur van rotsgevaarten toescheen. De toppen waren door wolken voor het oog verborgen. Ilya kon nergens een weg of een pad vinden om naar boven te rijden. Eindelijk vond hij in een kloof een smal paadje dat steil naar boven liep. Hij volgde dit pad dat hoe langer hoe smaller werd tot hij op een open plek kwam. Hij liet zijn paard wat uitrusten - want het dier was bekaf - en keek eens om zich heen. Het uitzicht was overweldigend! Boven hem grijze rotsmassa's, dreigend en afschrikwekkend, en daarboven een fel blauwe lucht. Beneden hem de zachte kleuren van bloeiende velden, waar beekjes en een weg zich doorheen slingerden. "Hoe machtig is Gods schepping!" overdacht hij, "en hoe klein en nietig zijn wij mensen, niet meer dan een stofje in de grote wereld! Ik dank de Heer dat ik dit alles mag aanschouwen, terwijl vroeger het raam in de huiskamer mijn enig uitzicht was. Ik dank Hem ook voor de kracht die Hij mij verleend heeft om zijn vijanden te verslaan en het recht te doen zegevieren."

EO in gepeins en gebed verzonken vergat Ilya de tijd, maar zijn paard begon te hinniken en scheen weer verder te willen. Ilya besteeg zijn trouwe viervoeter en zij reden verder langs gapende afgronden en loodrechte rotswanden. Het paard liep langzaam en voorzichtig, want het pad was hier en daar beijzeld en glibberig. Ten slotte bereikten zij de rug van de bergketen. Toen zij boven waren, kon Ilya zijn ogen bijna niet geloven. Het leek wel of hij de hele wereld kon overzien!

Plotseling verschool de zon zich achter de wolken. De bergen begonnen te schudden en grote rotsblokken en stenen rolden met donderend geraas naar beneden. Grote sneeuwvlokken begonnen te vallen en verduisterden het uitzicht.

Ilya zocht nog naar een verklaring voor dit plotselinge natuurgebeuren, toen hij in de verte een paard zag, zo groot als hij nog nooit aanschouwd had met een ruiter zo groot als een berg en wiens puntige helm tot in de wolken reikte. De reus reed heel langzaam en scheen in het zadel te slapen. "Het is vast en zeker geen Russische bogatyr, maar een vreemdeling," dacht hij en hij voelde zijn hart van vreugde bonzen dat hij eindelijk weer eens de gelegenheid kreeg om zijn krachten met een andere held te meten. Hij gaf zijn paard een paar zweepslagen, reed recht op de ruiter af en daagde hem uit tot een gevecht. De reus scheen echter niets te horen en reed rustig verder. Voor een tweede maal daagde Ilya hem uit, maar weer kreeg hij geen antwoord. Daarop haalde de boerenzoon zijn knots te voorschijn en gaf de reus daarmee een geduchte klap op zijn schouder. Ook dit had niet het minste effect. Misschien heb ik nog niet hard genoeg geslagen, dacht Ilya en gaf hem ditmaal zo'n harde klap dat een gewone sterveling eronder bezweken zou zijn.

Toen werd de reus eindelijk wakker, wreef zich de ogen uit en zei: "Die Russische vliegen kunnen gemeen steken!" Dat was natuurlijk spottend bedoeld, maar het was geen spotternij toen hij daarna Ilya en zijn paard met één hand optilde en in een grote zak stak die hij bij zich droeg. Daarna viel hij weer in slaap of er niets gebeurd was en reed met zijn vrachtje twee dagen lang over de rug van de bergketens.

Tijdens de derde dag struikelde het paard van de reus en viel op zijn knieën. Zijn berijder werd wakker en gaf zijn ros een paar ferme tikken, terwijl hij riep: "Hé paardje, ben je soms te oud geworden om mij nog te kunnen dragen, of zie je ergens gevaar naderen? Vertel mij maar wat er aan de hand is." Het paard antwoordde zijn meester: "Ik kan u heus nog wel dragen, maar met een paard en een man erbij, wordt het mij toch echt te zwaar."

Eerst toen herinnerde de reus zich wat er enkele dagen geleden gebeurd was en hij bevrijdde Ilya en zijn paard uit hun gevangenschap. "Vertel mij nu wie gij zijt en waar gij vandaan komt," vroeg hij aan Ilya, "en ik ben er ook benieuwd naar wat gij hier te zoeken hebt en waarom gij mij wilde aanvallen."

Ilya noemde zijn naam en vertelde hem dat hij in opdracht van vorst Wladimir op zoek was naar de beroemde held Svatogor. "Dan behoef je niet langer te zoeken, Ilya van Moerom, want Svatogor staat hier in levenden lijve voor je. Ik zou heel gaarne naar beneden afdalen om mij ervan te overtuigen dat de bogatyrs nog even goed kunnen vechten als in vroeger eeuwen, maar helaas, de aarde kan mij niet meer dragen en daarom ben ik gedoemd om op deze bergtoppen rond te dwalen. Ik zal mijn geliefd land nooit meer terugzien, ik zal de eindeloze steppen niet meer doorkruisen en niet meer met mijn vijanden kunnen vechten. Hier op de Heilige Bergen ligt mijn rijk en hier kunt gij mij gezelschap houden, want de eenzaamheid drukt mij zwaar." - "Ik zou gaarne van uw uitnodiging gebruik maken," zei Ilya, "want de natuur is hier prachtig en de rust en stilte zijn weldadig, maar ik moet mijn strijdmakker zoeken die onderweg een andere richting is gegaan. Bovendien moet ik ook mijn vorst verslag van mijn reis uitbrengen en heb ik beloofd hem verder te dienen."

Ilya nam afscheid van de reus, maar deze was zo groot dat hij hem niet kon omhelzen. Lang keek Svatogor de held na die hij met zoveel moeite had gevonden. Vervolgens besteeg hij wederom zijn paard en reed de andere kant uit.

Ilya van Moerom reed naar beneden en bereikte na een lange tijd de laagvlakte. Toen hij na enige weken in de hoofdstad terugkwam, zag hij zijn vriend Dobrynia weer terug. Ter ere van de behouden thuiskomst van de twee bogatyrs werd er op het paleis een groot feest gegeven.


*   *   *

Trefwoorden

Thema

Verhaalsoort

Bron
"Russische heldensagen" door M.A. Prick van Wely. Fibula, Houten, 1989. ISBN: 90-269-4416-0

Herkomst: Rusland
Verteltijd: ca. 16 min.
Leeftijd: vanaf 10 jaar

Lees ook