Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 6 min.
Herkomst:




Legende over het ontstaan van de Mate

Yaci, de immense maan van het oerwoud, die in de nacht haar helderwitte vleugels uitslaat, kijkt nieuwsgierig en verlangend naar de wonderen der aarde. Het is haar diepst verborgen droom op een dag te kunnen neerdalen en uit te kijken over de vele landschappen die ze vanuit de ruimte waarneemt. Uiteindelijk weet ze Arai, de rozerode wolk van de zonsondergang, over te halen haar te vergezellen.

Met de andere rozerode wolken, de zusters van Arai als medeplichtigen, dalen beiden neer op aarde in de gedaante van twee wonderschone meisjes. De jonge vrouwen wandelen rond, vol bewondering voor alles wat hun ogen zien in deze donkere oerwoudnacht zonder maan. In de ban van hun argeloze vreugde, verlustigen ze zich in de zintuiglijke geneugten van de aarde. Dan ineens, geheel onverwacht, worden ze opgeschrikt door het dreigend gegrom van de Yaguareté, de tijger van het oerwoud die zich verschuilt. Hij staat klaar voor de aanval. De twee meisjes weten zich in deze voor hen vreemde situatie geen raad. Juist op het moment dat ze in de klauwen van de tijger dreigen te vallen, duikt er een oude Guarani-jager op die het wilde dier met zijn mes, het favoriete wapen van de Guarani, en een vanzelfsprekende behendigheid tegemoet treedt. Zijn ervaring en moed vergoeden ruimschoots de gebreken van zijn ouderdom en tenslotte ligt het wilde beest zieltogend aan de voeten van de jager en de doodsbange meisjes.

Nu het gevaar is overwonnen, biedt de bejaarde jager, blijkgevend van de spreekwoordelijke gastvrijheid van zijn volk, hen een armzalige hut aan waarin hij, met vrouw en dochter, op een afgelegen plek in het oerwoud leeft. Yaci en Arai besluiten dit aanbod niet af te slaan en gaan met de jager mee. In de hut worden ze met liefde en respect ontvangen en gastvrij onthaald door de gastheer en de gastvrouw, die hen maïskoeken aanbieden om de honger te stillen. Daar vinden ze ook een plaats om uit te rusten van de vermoeienissen. Het bevreemdt Yaci, de maan, dat zulke vriendelijke mensen zo afgezonderd leven in het hart van het oerwoud en ze vraagt zich af wat de reden kan zijn van deze grote eenzaamheid. Uiteindelijk ondervraagt zij de jager hierover. Deze vertelt dan hoe, nadat God hem had beloond met een wonderschone en deugdzame dochter, bij de overige mannen het verlangen begon te groeien haar te bezitten. Hij voelde zich hierop verplicht haar te verdedigen opdat zij haar deugdzaamheid zou behouden. Dit, en niets anders, was er de oorzaak van dat hij zichzelf en zijn familie deze zelfgekozen ballingschap had opgelegd.

Bij het aanbreken van de volgende zonsondergang, het uur waarop Arai, de rozerode wolk, enYaci, de maan, hun aardse meisjesgedaantes moesten verlaten om terug te keren naar hun hemelse plaats, namen ze dankbaar en teder afscheid van de gastvrije familie.

Die nacht schitterde de maan weer aan de hemel van het oerwoud. Vanuit de hoogte zagYaci met droefheid hoe, in het hutje waar zij en Arai bescherming en vriendschap hadden gevonden, de jager en zijn familie zich te slapen legden met een lege maag, in ontstellende armoede. Hierop besloten Yaci en Arai hun weldoeners te belonen door in een open plek in het oerwoud een hemels zaad te zaaien. In de nachtelijke uren kwam dit zaad tot volle wasdom en groeide uit tot een grote boom met een donkergroen, op enkele plaatsen opeengepakt wit bladerendek.

De volgende dag bij het opstaan trof de familie verrast deze onbekende boom aan. Yaci daalde hierop opnieuw naar de aarde neer, wederom in de gedaante van een meisje.

Haar vrienden toevertrouwend dat zij in werkelijkheid de maan was, schonk zij de boom aan de dochter van de jager, voorspelde haar dat ze eeuwig zou leven en maakte haar tot meesteres over de boom, die ze bestempelde tot symbool van vriendschap. Daarna onderwees zij hen hoe ze de boom moesten gebruiken en de bladeren ervan konden klaarmaken en tot zich nemen, met de woorden dat dit de honger zou verzachten. Daarop ging ze zoals ze gekomen was, en keerde terug naar de hemel.

De indianen noemden deze boom Cáá, ook bekend als Yerba mate of Mate-kruid.


*   *   *

Trefwoorden

Verhaalsoort

Bron
"Wie van ver komt, kan veel verhalen; sprookjes, mythen en legenden verteld door vluchtelingen," Vluchtelingen Werk, Amsterdam. 1995, ISBN: 90-6937-014-X.

Herkomst: Argentinië
Verteltijd: ca. 6 min.
Leeftijd: vanaf 10 jaar

Lees ook