TOELICHTING:Uit de herinnering opgeschreven. 'Möge es jemand ergänzen und berichtigen' schrijft Grimm in zijn commentaren. Het is één van de kleinste, maar belangrijkste sprookjes, dat het motief: 'stirb und werde', of wie alles weggeeft wordt pas echt rijk, in een notedop beschrijft. Het is een legende-achtig sprookje, dat voornamelijk op het bijgeloof berust, dat vallende sterren een voorteken zijn van geluk.
In het (onderstaande) Ölenbergse handschrift vinden we een excerpt uit Jean Paul Richters roman "Die unsichtbare Loge', die in 1793 in Berlijn was verschenen. In de eerste druk werd een motief toegevoegd uit Achim von Arnims novelle "Die drei liebreichen Schwestern und der glückliche Färber" (Berlijn, 1812). Vanaf de tweede druk (1819) werd geopteerd voor de titel "De sterrendaalders', vermoedelijk overgenomen als een soort poëtisering van de "Sterntaler-Münzen" die sinds 1811 in Hessen in omloop waren.
Arm meisje
Kindersprookje van het arme meisje, zonder avondmaal, zonder ouders, zonder bed, zonder muts en zonder gebreken, maar dat telkens als een ster toilet maakte beneden een mooie daalder vond enz.