TOELICHTING:Uit Paderborn. In dialect geschreven. Het eerste deel van het sprookje is verwant met het paradijsverhaal. Het aardmannetje is de kwade macht die herkend wordt omdat hij geen achting heeft voor het dagelijks brood (zie het Onze Vader). Het overwinnen van de draken met 9, 7 en 4 koppen, samen 21, het getal van de volwassenheid. Zie getallensymboliek in Schuurman: 'Er was eens... er is nog.'
Dit sprookje is zeer verwant met de verlossing van Krimhilde op de Drachenstein. Ook verwant met andere heldensagen: in het Engelse epos
Beowulf vertoont het avontuur van deze held met de demon Grendel veel punten van overeenkomst met dit sprookje, vooral als men in aanmerking neemt, dat in een groot aantal varianten van het sprookje de held de weg naar de drakenput vindt door de bloedsporen van het gewonde aardmannetje. Er is echter ook overeenstemming met de Perzische sage van
Feridoen.
Het sprookje is in Europa en Azië buitengewoon veel verbreid; in het oostelijk deel van het verspreidingsgebied wordt de bevrijding uit de put levendiger verteld door het verschijnen van een vogel, die hem weer naar de bovenwereld brengt, maar die hij, om de nodige kracht te laten behouden, met zijn eigen vlees onderweg voeden moet. Vergelijk ook:
Sterke Hans. Voor het breken van de eed op geheimhouding zie:
De ganzenhoedster. Vergelijk ook:
Johannes Berenzoon.
| TYPERING: | Een sprookje van de gebroeders Grimm |
| SOORT: | Volkssprookje, Inwijdingssprookje, Sprookje |
| HERKOMST: | Duitsland |
| LEEFTIJD: | Voor kinderen vanaf 9 jaar en ouder |
| VERTELTIJD: | ca. 13 min. |
| OORSPR. TITEL: | Dat Erdmänneken |
| ENGELSE TITEL: | The Gnome |
| AT-NUMMER: | AT 0301-A - The Quest for the Vanished Princesses |
AUTEUR: | Gebroeders Grimm, Jacob en Wilhelm Grimm | | TREFWOORDEN: | klein mannetje, 3 broers, 3 zussen, prinses, aardmannetje, draak, geheimhouding |
| MOTIEF: | zoektocht naar de verdwenen prinses |
| BRON: | "De sprookjes van Grimm; volledige uitgave" vertaald door M.M. de Vries-Vogel. Unieboek BV - Van Holkema & Warendorf, Weesp, 1984. |
| |