Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 9 min.
Herkomst:




De kat, de tijger en de muis

Het verhaal gaat dat toen de tijger nog niet de koning der dieren was, hij nog makker was dan een hert, nog stommer dan een buffel en nog dommer dan een varken, zodat hij voortdurend door de aap en de vos werd bedrogen en mishandeld. Het verhaal gaat ook, dat de vacht van de tijger oorspronkelijk zuiver geel was zonder ook maar één enkele zwarte streep en dat hij die zwarte striemen pas gekregen heeft door het krabben en het bijten van de aap en de vos.

De tijger kon dat gesar niet langer verdragen en ging naar de kat om iets te leren. In die tijd was de kat de leraar der dieren: zij had de aap leren krabben, de wolf leren bijten, de hond leren ruiken, het rund leren likken.

De kat was echter niet bereid de tijger in de leer te nemen. Want de aap, de wolf, de hond en de buffel hadden na afloop van hun leertijd stuk voor stuk opeens gedaan alsof ze de kat niet meer kenden en hadden hun leraar vergeten. Hoe vaak de tijger ook bad en smeekte, zij keurde hem geen blik waardig.

Het was de tijger niet gelukt om in de leer genomen te worden en teleurgesteld droop hij af, met zijn staart tussen zijn benen. Toen hij voorbij de deur van de muis kwam, vroeg de praatgrage muis hem: "Broer, waarom ben je zo teleurgesteld?"

In tranen vertelde de tijger hem: "Ik kan niets, zodat ik voortdurend wordt bedrogen en mishandeld." En hij vertelde de muis hoe de kat had geweigerd hem in de leer te nemen. De muis was een kleine dondersteen vol listen en lagen, en toen hij even had nagedacht had hij er al iets op gevonden. Hij groef een gat in de scheidingsmuur en liet de tijger zich elke dag en elke nacht in zijn huis verbergen om stiekem toe te kijken hoe de kat zijn jongen onderrichtte.

Dat was een heel goede oplossing. Nu kwam het zo uit dat die katjes nog maar heel jong waren en de oude kat ze elke dag maar drie dingen leerde: grijpen, meppen en afmaken. Toen de tijger een paar dagen had toegekeken had hij het allemaal onder de knie. Twee dagen later ontmoette de tijger de kat; glimlachend sprak hij hem aan als 'mijn leraar' en gaf een demonstratie van de drie technieken die hij had geleerd. De verbaasde kat vroeg hem meteen hoe hij die had geleerd en de tijger vertelde hem naar waarheid de gehele gang van zaken. Toen de kat zag dat de tijger bereid was zoveel moeite te doen om iets te leren, zei ze uit de goedheid van haar hart: "Wat jammer dat je alleen maar het midden hebt geleerd en de kop en de staart hebt overgeslagen! Want anders, wanneer je alle technieken had geleerd, zou je koning der dieren kunnen worden!" Terstond knielde de tijger voor haar heer en beroerde de bodem met zijn kop om de kat te smeken al haar technieken aan hem te onderwijzen. De kat begon hem daarop te onderwijzen hoe te ruiken, te bijten, te likken en te krabben. De tijger had echter onvoldoende geduld zodat hij ruiken en bijten nog wel zo ongeveer onder de knie kreeg, maar likken en krabben slechts heel onvolledig.

Ten slotte begon de kat hem het allerkostbaarste gezag te onderwijzen. Gezag vergt een uitzonderlijke techniek, maar zodra je je ogen openspert, zodra je je haren recht overeind zet, zodra je je staart omhoog steekt en zo je gezag toont, kun je je vijanden op honderd pas afstand zo'n angst inboezemen dat ze het niet wagen een vin te verroeren! De tijger besefte dat deze techniek heel belangrijk was en daarom oefende hij hierin eens zo serieus als het grijpen, meppen en afmaken, het ruiken, bijten, likken en krabben, zodat hij het echt volledig onder de knie kreeg. Zo werd de tijger de leerling van de kat en hij bejegende de kat met de grootste eerbied: op straat droeg hij de kat zelfs op zijn rug.

Maar de muis moest er met zijn grote mond weer wat van zeggen en jouwde de tijger na: "De leraar is de kat, de leerling is de tijger: een grote kerel wordt bereden door een kleintje!"

Al had de tijger dan heel wat vaardigheden geleerd, hij was nog steeds zo dom als een varken en toen hij de muis dit hoorde zeggen was hij helemaal niet blij. En op een dag toen hij weer met de kat op zijn rug erop uit ging smeet hij haar toen zij daar niet op bedacht was in één beweging op de grond. Hij greep haar en krabde haar tot over haar hele lijf de bloederige vellen erbij hingen en ze bijna het leven erbij had gelaten. De kat klom als de weerlicht in een boom - deze techniek had ze de tijger nog niet onderwezen en dat was werkelijk een groot geluk!

De tijger kon zijn ogen wel opensperren maar kon haar niets maken en geleund tegen een rotswand schold hij haar woedend uit: "Een dooie kat hangt in de boom, een dooie kat hangt in de boom!"

De woedende kat schold terug: "Een dooie tijger leunt tegen de muur, een dooie tijger leunt tegen de muur!"

Toen de muis begreep dat de kat en de tijger ruzie hadden gekregen, werd hij ontzettend bang en nog diezelfde nacht vluchtte hij uit het gebergte. Overdag waagde hij het niet zijn gezicht te vertonen, alleen 's avonds kwam hij te voorschijn om wat te eten te zoeken. Maar hoe hij zich ook schuil hield, het was niet afdoende, want de kat was hem uit het gebergte achterna gekomen en zodra ze de muis zag krabde ze hem en at de muis als maaltje op.

Van toen af aan was de tijger in het gebergte de machtigste. Tot op de dag van vandaag zijn de kat, de muis en de tijger elkaars gezworen vijanden. Tot op de dag van vandaag willen de mensen een dode kat in een boom hangen en leggen ze een neergeschoten tijger tegen de muur, voordat ze hem villen.


*   *   *

De kat, de tijger en de muis Samenvatting
Vroeger was de tijger de domste aller dieren en werd hij gepest door de aap en de vos. Om dat tegen te gaan is de tijger in de leer gegaan bij de kat. Wanneer de muis op een dag de leerling-tijger belachelijk maakt, wordt deze zo kwaad, dat er een ruzie ontstaat. Vanaf die dag zijn de kat, de muis en de tijger gezworen vijanden. Lees het verhaal

Toelichting
De verhouding leraar-leerling (meester-discipel) is in Oost-Azië traditioneel van veel groter gewicht dan in het moderne westen. De leraar verplicht zich de leerling al zijn kennis te onderwijzen en de belangen van zijn leerling te behartigen, de leerling is in ruil daarvoor verplicht tot gehoorzaamheid en dienstbaarheid op alle gebieden. De verhouding geldt voor het leven en wordt van beide zijden geenszins lichtvaardig aangegaan.

Het verhaal 'De kat, de tijger en de muis' is afkomstig uit de Fujian. Daar, en op het vanuit Fuijan bevolkte Taiwan, bestond de gewoonte dode katten in een boom te hangen in plaats van ze te begraven, om te voorkomen dat de katten na hun dood zouden veranderen in kwade spoken.

Afkomstig uit 'Zhongguo dongwu gushi ji (Chinese dierenverhalen)', Shanghai: Remnin wenxue chubanshe, 1966.

Trefwoorden

Thema

Feest / viering

Verhaalsoort

Bron
"Volksverhalen uit kleurrijk Nederland. Dieren. Dierenverhalen uit de Chinese, Joodse, Nederlandse, Indiase, Turkse, Surinaamse, Marokkaanse en Indonesische verteltraditie" Lemniscaat, Rotterdam, 1990.

Herkomst: China
Verteltijd: ca. 9 min.
Leeftijd: vanaf 7 jaar

Lees ook