Gemeente Ameland
Sage van de gemeente:

Website van de gemeente:

Ameland is uit het westen gerekend het vierde bewoonde Nederlandse waddeneiland en behoort tot de provincie Friesland. Het gehele eiland valt onder één gemeente, dat dezelfde naam draagt. De waddeneilanden vormen de grens tussen de Noordzee en de Waddenzee die aan de zuidkant van de eilandenrij ligt. Op 30 november 2008 telde het waddeneiland, en dus ook de gemeente, 3.476 inwoners (bron: CBS). De bewoners worden Amelanders genoemd.

Ten westen van Ameland ligt het Borndiep met aan de overkant Terschelling, en in het oosten is bij helder weer nog net het nabijgelegen eiland Schiermonnikoog te zien. Rederij Wagenborg onderhoudt een veerdienst tussen Holwerd en Nes.

Ameland bestaat voornamelijk uit zandduinen. Ten oosten van Buren ligt het Oerd, een drassig gebied waar veel vogels leven en waar zeewater via een aantal geulen vrijelijk in- en uitstroomt. De totale strandlengte is 27 km en de totale lengte van de fietspaden is 100 km. Hollum is het dorp met het oudste huis van Ameland, gebouwd in 1516. De vuurtoren (zie foto) is gemaakt in Deventer, in de ijzergieterij van Nering Bögel, zie ook onder ijzeroer.

Het eiland beschikt over een klein vliegveld bij Ballum; Ameland Airport Ballum dat voornamelijk recreatief gebruikt wordt, maar ook een landingsplaats is voor de reddingshelicopters van het SAR-squadron in Leeuwarden dat ambulancediensten levert voor het waddengebied.

Dorpen

Op het eiland bevinden zich vier dorpen: Hollum, Nes, Buren en Ballum. Vroeger waren er nog twee andere dorpen, Oerd en Sier genaamd, maar deze zijn bij stormen "verdronken" en liggen nu in de zee. De naam van deze dorpen leeft voort in de MS Oerd en de MS Sier, die de veerdienst naar de wal verzorgen.

Geschiedenis

De eerste vermelding van Ameland is van in de 8e eeuw. Het was toen onderhorig aan het graafschap Holland. Dit tot in 1424. Toen verklaarde de Heer van Ameland zich een 'Vrije Heer' (vrijheerschap). Ameland is een eiland geworden door de Watersnood van 1287, toen de Waddenzee werd gevormd.

Hoewel Holland, Friesland en de keizer van het Heilige Roomse Rijk deze quasi-onafhankelijke status betwistten, bleef het een vrijheerschap tot de familie, Cammingha, uitstierf in 1708. Daarna werd de Friese stadhouder Johan Willem Friso van Oranje-Nassau Heer van Ameland en na hem, zijn zoon stadhouder van heel Nederland, Stadhouder Willem IV en zijn kleinzoon Stadhouder Willem V.

Pas in de grondwet van 1814 werd het eiland definitief geïntegreerd in Nederland (in de toenmalige provincie Friesland). De koningen en de koninginnen van Nederland handhaven vandaag nog steeds de titel 'Vrijheer van Ameland'.

Na de Franse tijd werd Ameland een grietenij, de Friese voorloper van de gemeente, van Friesland, en bij de invoering van de gemeentewet werden de grietenijen gemeentes.

Van 1871 tot 1872 werd bij het wantij een dam gebouwd tussen Ameland en het vasteland door een maatschappij voor landaanwinning van de Friese eilanden. Door aanslibbing wilde men landbouwgrond creëren. De provincie Friesland en het Nederlandse Rijk betaalden ieder 200.000 gulden. Het was geen succes: de dam bleek niet stormbestendig en in 1882 na zware stormen in de winter 1881/1882 werd besloten de reparatiewerkzaamheden te stoppen. De dam is met eb nog steeds deels te zien. De veerdam bij Holwerd is de aanzet van deze dam.

In 1940 werden er Duitse troepen naar het eiland gebracht, en binnen enkele uren was het onder de controle van het Duitse leger. Omdat het eiland weinig strategische waarde had, hebben de geallieerden geen invasie uitgevoerd op het eiland. De Duitse troepen gaven zich pas op 2 juni 1945 over, bijna een maand na de nederlaag van Nazi-Duitsland.

Cultuur

Op Ameland wordt geen Fries, maar Amelands gesproken, een mengdialect dat verwant is aan het Stadsfries.

Ameland is door zijn bijzondere lichtval en landschap reeds lang een geliefde verblijfplaats voor kunstenaars. Sinds 1996 wordt er in november de Ameland kunstmaand georganiseerd. Over het hele eiland exposeren dan kunstenaars uit binnen- en buitenland op dertig locaties hun schilderijen, keramiek, foto's, beelden en installaties.

Scheepvaart

Bij Nes, aan de zuidkant van Ameland, liggen de veersteiger voor de overtocht naar Holwerd, en de jachthaven van het eiland, één van de 17 waddenhavens. De jachthaven wordt beheerd door Stichting Jachthaven het Leyegat en is geopend van 1 april tot 1 november. Bij laagwater is de haven alleen voor kleine schepen aan te varen vanwege de geringe diepte van 0,60-0,80 m bij de haveningang. De aanvaarroute door de Reegeul is recht en bebakend. De haveningang bevindt zich aan de oostkant van de veerbootsteiger. Vanaf de Reegeul moet rekening gehouden worden met af- en aanvaart van veerboten en rondvaartboten. Droogvallen kan op verschillende plekken, bijvoorbeeld ten oosten van de jachthaven. De haven heeft drijvende steigers met stroomaansluiting, een havenkantoor met meteo- en getijde-informatie en sanitaire voorzieningen.

Reddingsdienst

Het reddingstation van de KNRM heeft eigen faciliteiten in de Ballumerbocht aan de stroomleidam, zo'n 4 kilometer ten westen van de veerdam. Tot 1988 was de reddingsboot een motorsloep, die op het strand vanaf een botenwagen gelanceerd werd. Ameland was het enige reddingsstation waar dit tot het eind van de motorsloep met behulp van paarden gebeurde. Op 14 augustus 1979 ging het mis, en werden de paarden in een diep zwin gesleurd. Ze zijn in de duinen begraven, naast de overgang waar de reddingsboot over het duin naar het strand getrokken werd. Hoewel overwogen werd om de paarden door een waterbestendige tractor te vervangen, is besloten nieuwe paarden op te leiden en de paardentractie te handhaven. Deze gebeurtenis wordt de ramp van Ameland genoemd. De oude reddingsboot is tentoongesteld in het reddingsmuseum "Abraham Fock", dat anno 2008 in restauratie is.