Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 8 min.
Herkomst:




Hoe de stad Antwerpen aan zijn naam kwam

Toen de beroemde heerser en legeraanvoerder Julius Caesar zich met zijn legioen inscheepte op weg naar Brittannië, liet hij vele van zijn vrienden en volgelingen achter in de provincies op het vasteland, om de veroverde gebieden te verdedigen.

Onder hen was de moedige Salvius Brabo, die zich in Gent vestigde, en naar hem begon men dit gebied na verloop van tijd Brabant te noemen.

Net als Caesar wilde ook Brabo Rome's roem en macht vergroten door het veroveren van belangrijke gebieden in het barbaarse land. Daarom zat hij iedere dag in het zadel, en kende slaap noch ontbering.

Op zekere dag verliet hij met zijn gewapend gevolg de stad Gent en vervolgde zijn weg door kale vlakten en dichtbegroeide heidevelden. De westenwind zorgde zoals gewoonlijk voor mist en laaghangende wolken, en toen het ook nog langdurig begon te regenen, werden de wegen voor de paarden haast onbegaanbaar. Slechts met de grootste moeite konden zij zich uit de drassige bodem bevrijden.

Toen gaf Brabo het bevel: "Afstijgen."

Zelf ging hij op verkenning uit in de naaste omgeving, die dicht met riet was begroeid, en bij zijn terugkomst zei hij: "Er moet hier ergens een rivier of beek zijn, we moeten een doorgang zien te vinden."

"Ja heer, hier stroomt de Schelde en ook de doorgang is hier niet ver vandaan," vertelde een der mannen.

"Welnu, breng ons erheen, dan kunnen we onze weg vervolgen," beval Brabo.

"Graag heer, maar de doorwaadbare plaats wordt bewaakt door de verschrikkelijke reus Draon Antigonus. Vanuit zijn toren aan de oever van de rivier kan hij alles overzien en ontdekt iedereen, die de overkant wil bereiken. Hiervoor moet een zware tol worden betaald, iedereen die de rivier wil oversteken slaat hij de hand af."

"En laten jullie je dat allemaal welgevallen?" vroeg Brabo verontwaardigd, "probeert er dan niemand met de reus te strijden?"

"Zulke waaghalzen zijn er inderdaad geweest, maar de reus heeft ze allen gedood en hun hoofd in de Schelde geworpen," antwoordde de man.

Salvius Brabo bedacht zich geen moment: "Ik zal met de reus mijn krachten meten, en dan zullen we zien wie er zal overwinnen."

Al spoedig kwamen de Romeinen bij een grote stenen toren," en precies op deze plek stroomde de rivier en ook de doorwaadbare plaats was goed te zien. Voor ze echter de nabije oever konden bereiken, weerklonk uit de toren zo'n oorverdovend spektakel, dat het leek alsof de rotsen zich in tweeën zouden splijten.

En daar verscheen Draon Antigonus, zijn zwaard dreigend omhooggeheven. Draon Antigonus was werkelijk reuzegroot, zo groot zelfs, dat de paarden hem niet verder dan tot zijn middel reikten. En toen hij begon te spreken, dreunde het de mannen in de oren. "Jullie willen zeker naar de overkant? Leg dan maar een voor een je hand op het hakblok, zodat ik ze kan afslaan, want dat is de tol die voor de overtocht betaald moet worden. Of is er soms iemand die met mij wil vechten?"

In plaats van te antwoorden trok Salvius Brabo zijn zwaard, gaf zijn paard de sporen en reed het monster tegemoet. Met verschrikkelijke kracht wilde de reus toeslaan, maar Brabo's paard sprong op het laatste nippertje opzij en het zwaard boorde zich diep in de aarde. Onmiddellijk greep de Romein in; voordat Antigonus besefte;wat er gebeurde, lag zijn rechterhand afgeslagen in het gras. De reus schreeuwde het uit van pijn en de toren sidderde op zijn grondvesten. Maar de reus herstelde zich snel; hij probeerde met zijn linkerhand het zwaard uit de aarde te trekken en boog zich daarbij diep voorover.

En weer was de Romein hem te vlug af. Hij greep het wapen met beide handen en trof de reus met zo'n geweldige slag op zijn nek, dat het reuzenhoofd met een wijde boog de Schelde invloog.

Nu was de weg vrij. Maar nog voordat ze de rivier waren doorgetrokken, wierp Salvius Brabo de afgeslagen hand van de reus in de Schelde en riep: "Daar, waar deze hand het water van de Schelde zal bereiken, daar zal de grens van Brabant zijn."

En zo had Salvius Brabo de grenzen vergroot en het land bevrijd van nood en ellende.

Maar daarmee is ons verhaal nog niet ten einde.

Salvius Brabo ging naar Julius Caesar in Brittannië en bracht verslag uit van zijn strijd met de reus. Na zijn woorden te hebben aangehoord, sprak Caesar: "Keer met je gevolg naar deze plek terug en bouw daar een stad, waarover jij moet gaan regeren. Ikzelf zal er voor zorgen, dat het een bloeiende en beroemde stad zal worden."

Brabo liet zich dit geen tweemaal zeggen. Nog in hetzelfde jaar schoten rondom de stenen toren aan de Schelde de huizen als paddenstoelen uit de grond, en steeds meer kwamen er bij.

Dankzij de vele voorrechten en privileges die Brabo van Caesar ontving, werd het al gauw een stad van grote betekenis, die in niets onder hoefde te doen voor de steden van het oude Romeinse Rijk.

Hoe ze genoemd werd? Antwerpen! Van het woord hand-werpen. Nog altijd herinnert de naam van de stad aan Brabo's strijd met de reus Draon Antigonus.

En toen de inwoners van Antwerpen hun stad, na vele eeuwen, een wapen gaven, werd daarop de afgeslagen hand van de reus Draon Antigonus afgebeeld.


*   *   *

Toelichting
Veel Antwerpenaren beweren bij hoog en bij laag dat de naam van hun geliefde stad afkomstig is van 'handwerpen'. Volgens de legende versloeg de jonge held Brabo de reus Druon Antigoon - die van voorbijvarende schippers een zware tol eiste - en hakte hem daarbij een hand af. Maar zoals altijd is de realiteit minder romantisch: 'Antwerpen' komt van 'aanwerp' of 'Anoverpis', een kaap in de Schelde waarop de stad ontstond, ter hoogte van het Steen.

Trefwoorden

Verhaalsoort

Bron
"Sagen van Europese steden" verteld door Vladimír Hulpach. Holland, Haarlem, 1980. ISBN: 90-251-0412-6

Herkomst: België
Verteltijd: ca. 8 min.
Leeftijd: vanaf 10 jaar

Lees ook