Wereld Feesten Almanak


Nationale Dag
Datum:
jaarlijks op 16 december




Nationale Dag

Datum: vrijdag 16 december 2016
Land / gebied: Bahrein
Bahrein Bahrein is een laag gelegen archipel bestaande uit 33 eilanden voor de kust van Saoedi-Arabië. Dankzij natuurlijke waterbronnen worden de eilanden al 5.000 jaar bewoond.

In de 19e eeuw werd Bahrein het Britse militaire en politieke hoofdkwartier in de Golfregio. Op 15 augustus 1971 werd Bahrein onafhankelijk en werd het land lid van de Verenigde Naties en de Arabische Liga. Isa bin Salman al-Khalifa werd uitgeroepen tot emir, terwijl zijn broer Khalifa bin Salman al-Khalifa de post van premier kreeg toebedeeld. Een confrontatie tussen de regering en de in 1973 gekozen Nationale Assemblee leidde in augustus 1976 tot de opheffing van het parlement. Sheikh Isa stierf in maart 1999 en werd opgevolgd door zijn zoon Hamad bin Isa al-Khalifa. De nieuwe emir heeft een constructieve dialoog met de oppositie in gang gezet en op 15 februari jl. de staatsvorm van zijn land gewijzigd in een constitutionele monarchie. Tevens schreef hij algemene verkiezingen uit voor 24 oktober 2002.

Staatsinrichting

Sinds 15 februari 2002 is Bahrein een constitutionele monarchie. Op die dag gaf de Emir van Bahrein zijn goedkeuring aan een grondwetswijziging die de staatsvorm van zijn land wijzigde en aan het staatshoofd de titel van Koning verleende. Tot deze wijziging kon de regering nauwelijks gecontroleerd worden door andere instituties. Op grond van de door de Koning benoemde Consultatieve Raad en een gekozen parlement heeft Bahrein een tweekamerstelsel, met beide 40 leden. Gezien het feit dat een belangrijk deel van de oppositie de parlementsverkiezingen in 2002 geboycot heeft, is hun invloed op het wetgevingsproces gering.

Binnenlandse politiek

De binnenlandse politiek wordt beheerst door de Al-Khalifa familie en enkele belangrijke Soennitische handelsfamilies. De oppositie is verdeeld en bevat o.a. kleine, meer radicale oppositiegroepen. De belangrijkste oppositiepartij is de Bahrein Freedom Movement (BFM). Na zijn dood in 1999 werd Sheikh Isa opgevolgd door zijn zoon Sheikh Hamad bin Isa al-Khalifa. Laatstgenoemde heeft zich actief met de politieke besluitvorming bemoeid. In februari 2001 won hij brede steun binnen de oppositie voor een politiek hervormingsplan en zette aldus het proces van politieke liberalisering in gang. In lijn met dit hervormingsplan gaf de emir in februari 2002 zijn goedkeuring aan een grondwetswijziging die de staatsvorm van zijn land wijzigde in een constitutionele monarchie en aan het staatshoofd de titel van Koning verleende. Hij schreef tevens gemeenteraadsverkiezingen voor mei 2002 en algemene verkiezingen voor 24 oktober 2002 uit. De nieuwe grondwet verleende het kiesrecht aan zowel mannen als vrouwen. Deze wijzigingen legden de grondslag voor een democratisch bestel in Bahrein.

In oktober 2006 zullen wederom parlementsverkiezingen worden gehouden waaraan de sji’ieten, die in 2002 weigerden aan de verkiezingen mee te werken, zullen deelnemen. Deze toezegging werd gedaan, nadat enige amendementen op de “ Societies Law" recent werden geaccepteerd. De oppositie blijft echter wel doorgaan met het nastreven van ruimere parlementaire bevoegdheden en minder invloed van de Consultatieve Raad (Shoura Council).

Mensenrechten

Na een aantal jaren van verbetering is recentelijk een teruggang te constateren in de mensenrechtensituatie. Eind september 2004 werd het Bahrain Center for Human Rights door de autoriteiten gesloten en de plaatsvervangende directeur gevangen gezet. Hier werd door honderden mensen tegen gedemonstreerd. In april 2004 werd de eerste vrouwelijke minister benoemd: mw. Nada ‘Abbas Haffadh werd minister van Gezondheid. In augustus 2004 maakte de Shoura Council bekend een wetsvoorstel in voorbereiding te hebben om geweld tegen vrouwen aan te pakken. De Koning gaf in oktober 2004 te kennen dat voor vrouwen discriminerende wetgeving diende te worden aangepast. In januari 2005 vond in B ahrein een bijeenkomst plaats van activisten uit de GCC lidstaten en Jemen (“ Gulf Stop Violence against Women Project") om dit onderwerp met kracht op de agenda van de respectievelijke overheden te krijgen.

Sociale situatie

Als gevolg van een relatief vroege ontwikkeling van haar olie-industrie heeft Bahrein al lang ervaring met een nationaal onderwijssysteem. Onderwijs is gratis en heeft geleid tot een laag percentage analfabetisme. Ook de sociale zekerheid is goed ontwikkeld en de levensverwachting van de bevolking is een van de hoogste in de regio. Zuigelingensterfte is de laatste decennia sterk afgenomen en het aantal en de kwaliteit van de gezondheidscentra nemen toe. Ook groeit het aantal privé-klinieken naarmate de economie zich beter ontwikkelt.

Onder druk van de ILO heeft de overheid recent besloten een nieuwe Arbeidswetgeving aan het parlement voor te leggen, waarin ondermeer beter voorwaarden voor de buitenlandse gastarbeiders zijn opgenomen. Tevens wordt hierin, wegens de in de laatste jaren toenemende werkloosheid, aandacht besteed aan het scheppen van banen voor de autochtone bevolking.

Spanningen tussen de soennitische minderheid en de armere lagen van de bevolking, vooral degenen met een sji’itische achtergrond, zijn recent wederom aan het opkomen. In december 2005 was het meerdere malen nogal onrustig op straat in Bahrein. Ook vrouwen protesteerden tegen islamitische clerus.

Economische situatie

Het aantrekken van buitenlandse investeringen en diversificatie van de economie vormen het zwaartepunt van het beleid van Bahrein. De regering is met succes het land minder afhankelijk aan het maken van de olie-industrie, onder andere door meer nadruk te leggen op de rol van de private sector voor groei en werkgelegenheid. Bahrein biedt buitenlandse investeerders een open economie met een aantal beperkingen gerelateerd aan werkgelegenheid. Met veel succes heeft Bahrein zich de laatste jaren kunnen ontwikkelen tot een financieel centrum in de regio. Er zijn plannen aanwezig om ook op het gebied van verzekeringen een belangrijke regionale functie te gaan vervullen.

Milieubeleid

Overmatig watergebruik leidde tot uitdroging en verzilting van de aanwezige zoetwaterbronnen. Dit ondanks een verlaging van de waterconsumptie per hoofd van de bevolking van 512 l/d in 1990 tot ongeveer 336 l/d thans. Om een dreigend watertekort te voorkomen bouwt de regering een nieuwe elektriciteits- en waterontziltingscentrale op Muharraq, die een einde moet maken aan de onttrekking van te veel grondwater. Tesamen met andere landen uit de Golf regio wordt in het bijzonder in het kader van ROPME (Regional Organisation for the Protection of the Marine Environment) regelmatig overleg gepleegd over verbetering van het milieu. De vervuiling van de zee krijgt hierbij ruime aandacht.

Buitenlands beleid en veiligheidsbeleid

Door Bahrein's geografische situatie en de soenni-sji’itische tegenstellingen is de regering gevoelig voor politieke ontwikkelingen in vooral Saoedi-Arabië en Iran. De Iraanse revolutie in 1979 leidde tot een verslechtering van de relatie tussen beide landen. Bahrein beschuldigde Teheran ervan actieve steun aan de (sji’itische) oppositie te geven en destabilisatie van het land na te streven. Sinds 1997 zijn de relaties tussen beide landen enigszins verbeterd. Sinds februari 2001 zijn de betrekkingen met Qatar verbeterd nadat het Internationale Hof van Justitie in Den Haag een gebalanceerd vonnis uitsprak inzake het territoriale geschil over de Hawar eilanden voor de kust van Qatar.

Evenals Saoedi-Arabië onderhoudt Bahrein goede contacten met de Verenigde Staten. Bahrein is de thuishaven van de Amerikaanse Vijfde Vloot. Na ‘9/11’ heeft Bahrein onmiddellijk steun aan de internationale coalitie voor de strijd tegen het terrorisme betuigd. Evenals andere Golf staten zoekt Bahrein momenteel samenwerking met de NAVO in het kader van het ‘Istanbul Co-operation Initiative ’. De kontakten hierover komen geleidelijk op gan

Zie ook

Meer informatie (externe link)


Een feestdag in Bahrein.