Leesidee: De Wanda-sage
Sage afkomstig uit: Gemeente Vlieland

Doelgroep

Leerlingen groep 7 en 8 van het basisonderwijs.

Thema

Vloek. Het geloof dat er op iets of iemand een vloek kan rusten.

Samenvatting

Lang geleden leeft een vrouw aan de zijlijn van de gemeenschap op het eiland Vlieland. Haar naam is Wanda. Het verhaal gaat dat er op haar een vloek rustte. Ze heeft een zoon die Worp heet. Vroeger had ze nog een zoon. Die heette Runo, maar hij verdween in zee. Er is een klooster op het eiland. De monniken die er wonen willen een kanaal dwars over het eiland graven. Wanda is daar tegen. Zo zeer, dat ze Worp opdracht geeft de abt van het klooster te vermoorden. Wanneer die dat gedaan heeft, blijkt een gruwelijke waarheid: de abt is Wanda's verdwenen zoon Runo.

Werkvormen

- Klassikaal (kring-) gesprek over de sage.
- De kinderen verzinnen wensen die ze elkaar geven.

Lesopzet

a) Vertel het verhaal.

b) Als er in een familie zoveel pech en ongeluk voorkomt, wordt wel gezegd dat er een vloek op hen rust. Wat betekent dat?

c) Wie kan een vloek uitspreken?

d) Bestaat het eigenlijk wel, of moet je er in geloven?

e) Wat is het omgekeerde van een vloek?

f) Je kunt elkaar ook iets goeds toewensen.

Doelstelling

- Kinderen leren wat het betekent als er een vloek op iemand rust.
- Kinderen leren dat een vloek alleen op iemand kan rusten wanneer je daar in gelooft.
- Kinderen leren dat je iets negatiefs kunt omkeren (tegenovergestelde zoeken en vinden) in iets positiefs.

Thema overstijgend

Geloven

Begrippen-/Woordenlijst

1. Vloek: Godslastering, maar ook: onheilsbezwering. Wens tot het overkomen van kwaad of leed. Diverse godsdiensten en magische genootschappen kennen dit gebruik. Het tegenovergestelde is een zegen uitspreken.

2. Middelzee: In de vroege middeleeuwen, lag er in Friesland een zee. De Middelzee begon tussen het jaar 1200 en 1300 dicht te slibben.

3. Besterven: Een dier dat net geschoten is, is nog warm. Het vlees is dan taai. Door het vlees te laten besterven wordt het mals en kan het worden klaargemaakt.

4. Schepenen, een Schepen: Openbaar bestuurder. In ons land tot 1795 gebruikt. Tegenwoordig noem je een Schepen Wethouder.

5. Schout: Stond vroeger aan het hoofd van het bestuur. Nu zou je een Schout Burgemeester noemen.

6. Vierschaar: Een oude vorm van rechtspraak. 'De rechtszitting' vond buiten plaats. Er werden 4 banken in een vierkant gezet waarop de Schepenen gingen zitten. In het midden daarvan stond de beschuldigde. De Schout spande 4 touwen waarbinnen recht werd gesproken; de vierschaar.

7. Schelpenroos: Sieraad gemaakt van bijzondere schelpen.

Mede mogelijk gemaakt door de gemeente Vlieland.