Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 5 min.
Herkomst:

Is er dan niemand boos? Toon Tellegen. Is er dan niemand boos?

De vuurpad klopte op de deur van de egel. "Wie is daar?" vroeg de egel. "De vuurpad." - "Kom maar binnen, vuurpad," zei de egel. De vuurpad stapte naar binnen, liep naar de egel toe en trok met één ruk alle stekels uit zijn rug. "Au!" riep de egel. "Au!" De vuurpad deed een stapje achteruit en vroeg: "Hoe noem je wat je nu bent, egel?" - "Boos," huilde de egel. "Heel boos." De vuurpad bekeek hem aandachtig en schudde zijn hoofd. "Nee," zei hij, "je bent niet boos." - "Ik ben wel boos," huilde de egel. - "Niet echt boos," zei de vuurpad. Hij draaide zich om en ging de kamer uit. "Helaas," zei hij nog.

Even later klopte hij op de deur van de slak. "Binnen," zei de slak, die aan het nadenken was over stilstand en vertraging. De vuurpad stapte naar binnen en draaide de steeltjes van de slak om. "Au," zei de slak langzaam en smartelijk. "Nee," zei de vuurpad. "Dit is ook niet echt boos. Jammer, slak." En nog voor de slak voor de tweede keer "Au" had kunnen zeggen was de vuurpad alweer vertrokken.

Hij ging naar de olifant en legde een onontwarbare knoop in zijn slurf. Daarna plakte hij de bek van de kikker dicht, wierp de karper in de wilg en scheurde de jas van de sprinkhaan aan flarden. Alle dieren riepen: "Au!" en werden woedend, terwijl de kikker siste van razernij. Maar telkens zei de vuurpad: "Nee, dit is niet boos," of "Als dit boos moet heten..." of "Echt boos is wel wat anders!"

Aan het eind van de middag stond hij midden op de open plek in het bos, stampte twee keer op de grond, liet zich rood aanlopen, zwaaide met zijn armen en riep: "Is er dan niemand boos?" Overal vandaan klonken woedende kreten en pijnlijke jammerklachten. "Nee," zei de vuurpad toen. "Niemand dus." Hij schraapte zijn keel, haalde zijn schouders op en liep weg, tussen de bomen door, het bos uit.

Die avond zaten de dieren bedroefd bij elkaar. De krekel zette de stekels van de egel een voor een weer in zijn rug, en de schildpad draaide heel langzaam de steeltjes van de slak weer goed. De eekhoorn ontwarde de knoop in de slurf van de olifant en de lijster droeg de karper naar de rivier, terwijl de reiger met zijn snavel de bek van de kikker weer openmaakte. Woest kwaakte de kikker: "Was ik niet boos?" - "Nee," zei de reiger. "Niet echt, denk ik." - "Wat?" kwaakte de kikker. Maar het was meer gillen dan kwaken. Toen zweeg hij en keek verongelijkt naar de grond.

"Misschien kunnen we niet echt boos worden," zei de eekhoorn, die door de vuurpad aan zijn oren omhooggetrokken was en buiten op de tak voor zijn deur was neergezet. De dieren keken elkaar aan en er verschenen rimpels in hun voorhoofd. Niemand wist wat echt boos was. Misschien was het wel iets anders, iets wat helemaal niet op boos leek. Misschien leek het zelfs wel meer op vrolijk! Dat zou kunnen, dachten ze. "Of op iets zwaars," zei de schildpad. "Misschien lijkt het daar wel op. Op iets heel zwaars, wat niemand kan optillen." De dieren rilden. Het was donker en koud, en iedereen sjokte zwijgend naar huis.


*   *   *

Is er dan niemand boos? Samenvatting
Toon Tellegen. Is er dan niemand boos?. De vuurpad is alleen tevreden als hij iemand echt boos kan maken. Hij trekt de stekels van egel uit, draait de steeltjes van de slak om en scheurt de jas van de sprinkhaan aan flarden, maar hij vindt niet dat ze echt boos worden. Wat is dat eigenlijk, boos zijn? Lees het verhaal

Trefwoorden


Thema

Verhaalsoort

Bron
"Is er dan niemand boos?" door Toon Tellegen. Querido, Amsterdam, 2002. ISBN: 90-214-8462-5

Herkomst: Nederland
Verteltijd: ca. 5 min.
Leeftijd: vanaf 8 jaar

Lees ook