TOELICHTING:Naar: Waling Dijkstra, Friesland's volksleven van vroeger en later, deel 2, p. 17-18, Leeuwarden 1896. Dit verhaal draait om het bekende thema van de tovenaarsleerling, die behalve lezen en schrijven ook leert zich van gedaante te verwisselen. Daardoor weet hij te vluchten en doodt hij zijn meester. Het verhaal is internationaal verbreid, maar heeft soms een ander einde, waarbij het slecht afloopt met de jongen. Opvallend is dat de jongen zich niet alleen in dieren kan veranderen, maar ook in dingen, zoals een ring en een gortkorrel. Sterk verwant met het sprookje van de gebroeders Grimm
De gauwdief en zijn meester en met
De toverleerling uit Denemarken. Zie ook:
De boskoning Och en
Ali's vreemde avontuur.
| TYPERING: | Een sprookje uit Leeuwarden over een tovenaarsleerling |
| SOORT: | Volksverhaal, Sage, Volkssprookje, Sprookje |
| HERKOMST: | Nederland |
| LEEFTIJD: | Voor kinderen vanaf 11 jaar en ouder |
| VERTELTIJD: | ca. 4 min. |
| AT-NUMMER: | AT 0325 - The Magician and His Pupil ⇒ De boskoning Och ⇒ Ali's vreemde avontuur ⇒ De toverleerling ⇒ De gauwdief en zijn meester ⇒ Meneer Bhoenga |
| TREFWOORDEN: | tovenaar, leren, koe, paard, gedaantewisseling, ring, tovenaarsleerling, gort, haas, hond, vlieg, zwaan, haan, vos, analfabetisme, lezen, schrijven |
| MOTIEF: | mens in diergedaante |
| FEEST/VIERING: | |
| BRON: | "Volksverhalen uit kleurrijk Nederland. Betoverd. Verhalen over mensen die in dieren veranderen (en omgekeerd) uit de Chinese, Joodse, Nederlandse, Indiase, Turkse, Surinaamse, Marokkaanse en Indonesische verteltraditie" uitgegeven door Lemniscaat, Rotterdam, 1991. |
| ISBN: | 9060697219 |
| |