Leesidee: Kasteel Batestein en de Grote Geus
Een sage afkomstig uit de gemeente Vianen.

Doelgroep

- De leerlingen van het primair basisonderwijs groep 7 en 8.

Samenvatting

In 1565 stelt een groep edelen onder aanvoering van Hendrik van Brederode een smeekschrift op. Ze vragen de Spaanse bezetter hierin de regels minder streng te handhaven en voor meer tolerantie. Ondanks dat de landvoogdes welwillend lijkt, terwijl ze door een adviseur nota bene de waarschuwing 'Ce ne sont que des gueux' ('Het is maar een stel bedelaars') krijgt toegevoegd, weigert de Spaanse koning later de regels te versoepelen. De edelen komen meer en meer in opstand en memoreren de uitspraak van de adviseur; ze besluiten er een erenaam van te maken: Geus. 'Leve de Geus!' en daarmee riepen ze de vrijstad Vianen uit. Daar heerste vrijheid van godsdienst en pers. Hun verzet werd grimmiger, net als de tegenreacties van de Spanjaarden…

Thema

- Vrijplaatsen

Werkvormen

- Taalopstellen, verbeelding vormgeven (kleur en vorm, knutselen).

Lesopzet

(voorbereiding docent met (locatie-) directeur gewenst)

A. Vertoon/vertel de sage. De sage zit bomvol historische feiten ten tijde van de Tachtigjarige Oorlog (achtergrond schetsen, zie ook woorden-/begrippenlijst hier onder). Aanleiding voor van Brederode om edelen te verzamelen zijn de harde wetten die de Spanjaarden opleggen. De groep wenst een toleranter samenleving en vraagt hierom in een smeekschrift.

B. De leerlingen inventariseren wat de kenmerken van het schoolregime zijn. Welke regels zijn er? Leerlingen bespreken welke regels zij als knellend ervaren en hoe ze denken dat het prettiger kan. Zij kijken ook in hun directe omgeving; het klaslokaal, de school, het plein, misschien is het er erg saai en kleurloos: wat kan leuker, prettiger, mooier gemaakt worden? Kortom, de vrijheid iets te verzinnen, zich gek te verkleden, een hoofddoek op te mogen, andere huisregels in te voeren.

C. De leerlingen stellen een en ander op in een smeekschrift. Onder leiding van de docent gaat men richting directeurskamer en biedt het smeekschrift aan. Afhankelijk van de gekozen reactie kan er ruimte voor initiatief komen of een categorisch 'nee' volgen, waarop de leerlingen zich kunnen beraden en van het lokaal een vrijstaat maken (invulling kan gegeven worden in het omzetten hiervan in beeldend, verhalend, spelvorm) denk aan het maken van een vlag, munteenheid, paspoort.

Doelstellingen

Door het naspelen van de eerste 'geuzen-actie' krijgen leerlingen inzicht en kennis van de mogelijkheden een positieve invloed te hebben op hun omgeving; hoe kun je omgaan met regels? Wat kun je doen wanneer je het niet eens bent?
Kennismaken met het begrip van vrijplaatsen. Hieraan kunnen vervolglessen gekoppeld worden waarin (bestaande) vrijplaatsen (micro naties) onderzocht worden, het zelf creëren van een vrijplaats (fantasie).
Het onderzoeken van het medium 'pamflet', de rol die deze in de geschiedenis heeft.

Begrippen/-woordenlijst

Smeekschrift; open brief aan de (regering) leiding van om verandering te bewerkstelligen.

Pamflet; een vlugschrift, op goedkope manier en in eenvoudige taal opgesteld stuk dat in lengte kan variëren van korte tekst tot boek dat een actueel thema onder de aandacht brengt en oproept tot actie. Voorbeelden zijn de pamfletten die de Duitse studentenverzetsgroep 'Die
Weisse Rose' in 1942 opstelden en het hedendaagse 'Loesje' die affiches op straat plakt.

Inquisitie; rechtbank van de katholieken die tegenstanders opspoort, berecht, straft om hen weer in het katholicisme te dwingen, wat met veel bruut geweld gepaard ging.

Protestantisme; in die tijd (Reformatie) een nieuwe godsdienst-stroming die het geloof (en kerk) terug wilde brengen tot haar oorsprong en tegen verering van heiligen inging en daarmee tegen de leer van de katholieke kerk.

Ketters; mensen die opzettelijk tegenspraak bieden aan de fundamentele geloofsleer (katholicisme in die tijd).

Beeldenstorm; in 1566 bestormden protestanten en calvinisten (ketters) de katholieke kerken en vernielden er de heiligenbeelden.

Geuzen; verbastering van het Franse 'gueux', wat bedelaar betekent. Werd een erenaam en is dit nog steeds. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog tegen de Spanjaarden waren het de Geuzen die gevierd en gevreesd werden (zowel verzetshelden als rovers en plunderaars).

Landvoogd(es); bestuurder die de vorst vertegenwoordigde.

Vrijheer/vrijstad/vrijstaat; tegenwoordig bekend als micro-natie; een zelf uitgeroepen staat met eigen regels en vrijheden binnen een systeem waar die vrijheden niet zijn. Een vrijstaat kan zowel werkelijk (op land, in zee, in het heelal) bestaan/uitgeroepen worden als ook online of in de fantasie van mensen. Er kan een eigen vlag zijn gemaakt, munteenheid of paspoort.

Mede mogelijk gemaakt door de gemeente Vianen.