Wereld Feesten Almanak


Onafhankelijkheidsdag
Datum:
jaarlijks op 15 september




Onafhankelijkheidsdag

Datum: vrijdag 15 september 2017
Land / gebied: Nicaragua
Nicaragua In 1821 wordt Nicaragua, als deel van een Centraal-Amerikaanse Federatie, onafhankelijk van Spanje. In 1838 wordt het land een onafhankelijke staat.

De soms bloedige strijd tussen conservatieven en de meer vooruitstrevende liberalen, die zelfs de hulp van Amerikaanse huurlingen inroepen, bepaalt het politieke landschap. De liberaal en verlicht despoot José Santos Zelaya, die in 1893 aan de macht komt, voert hervormingen door, zoals de scheiding van kerk en staat, gratis onderwijs en investeringen in infrastructuur. Ook bevordert hij de integratie van het oostelijk Caribische deel van Nicaragua binnen de natie. Zijn weigering in te stemmen met de aanleg van een kanaal van de Atlantische Oceaan naar de Stille Oceaan brengt hem in conflict met de VS, die tegenkrachten steunen en mariniers naar Bluefields sturen (1910).

De militaire aanwezigheid van de VS zal, met een korte onderbreking, tot 1933 duren. Door 'free and fair' verkiezingen en het instellen van een beroepsleger, de Nationale Garde, willen de VS een verbetering van het politiek klimaat bevorderen, hetgeen door het steeds weer oplaaien van de strijd tussen conservatieven en liberalen mislukt.

Vanaf 1925 voert de socialistisch geïnspireerde revolutionair Augusto C. Sandino, die landhervormingen wil doorvoeren, met een guerrillaleger strijd tegen de Amerikaanse mariniers en de Nationale Garde. In 1934 wordt hij op bevel van de opperbevelhebber van de Nationale Garde, Anastasio Somoza, vermoord. Sandino's naam wordt later verbonden aan één van de belangrijkste politieke bewegingen in Nicaragua. De familie Somoza voert tot 1979 het bewind over het land en vergaart daarbij aanzienlijke rijkdommen.

Na een jarenlange en bloedige burgeroorlog, geleid door de Sandinistische beweging, raakt het bewind van president Somoza zowel nationaal als internationaal steeds meer geïsoleerd. In 1979 delft zijn Nationale Garde na een felle strijd het onderspit, waarna hij het land ontvlucht. Een vijfkoppige Junta, waarin naast Sandinisten ook de weduwe van de vermoorde hoofdredacteur van de oppositiekrant 'La Prensa', Violeta Chamorro, zitting heeft, neemt de leiding van het land over. Het nationale leger blijft in handen van de Sandinisten. De tegenstellingen tussen de politieke doelstellingen van de Sandinisten, politiek georganiseerd in het FSLN ('Frente Sandinista de Liberación Nacional') dat eigen massaorganisaties opricht, en de andere politieke stromingen worden echter steeds duidelijker. Na een verkiezingsoverwinning van de Sandinisten in 1984 wordt Daniel Ortega president en krijgt Nicaragua een parlement.

Bij de opbouw van het nieuwe Nicaragua krijgt het land veel internationale financiële steun. Vrijwilligers uit het buitenland helpen bij de wederopbouw. Het beleid van de Sandinisten is gericht op vermindering van ongelijkheid alsmede armoede en ontwikkeling van de bevolking. Toch leidt het centralistisch georiënteerde ontwikkelingsmodel, ondanks de positieve resultaten op het vlak van alfabetisering, onderwijs en gezondheidszorg, niet tot economische groei en welvaart. De Sandinistische regering kampt met een toenemende schuldenlast en hyperinflatie. De gewapende strijd tegen ex-leden van de Nationale Garde, 'contra's' genoemd, die gesteund worden door de VS, slokt steeds meer overheidsmiddelen en arbeidskrachten op. De Reagan-regering stelt een zeeblokkade in en verspert de haven van de stad Corinto met zeemijnen.

De verkiezingen in 1990 worden, tegen de algemene verwachting in, gewonnen door de oppositie, verenigd in de UNO (Union Nacional Opositora). Violeta Chamorro wordt president en haar schoonzoon Lacayo premier. Tijdens de regeringsperiode Chamorro komt er een einde aan de binnenlandse gewapende conflicten, maakt het centralistisch bewind plaats voor democratisch bestuur, verandert de geleide economie in een vrije markt en wordt het leger onder burgerlijk gezag geplaatst.

De politieke polarisatie die door de burgeroorlog is ontstaan, bepaalt de verkiezingen van 1996. Het FSLN onder aanvoering van Daniel Ortega wordt met 51% meerderheid verslagen door de Liberale Alliantie, aangevoerd door de voormalige burgemeester van de hoofdstad Managua, Arnoldo Alemán. Alemán is president tot aan de nationale verkiezingen in november 2001. Deze verkiezingen, waar veel nationale en internationale waarnemers een oogje in het zeil houden, verlopen eerlijk en rustig en worden na een nek aan nek race tussen Liberalen en Sandinisten gewonnen door de Liberale Partij.

Per 10 januari 2002 neemt president Enrique Bolaños Geyer de leiding van het land over en zorgt daarmee voor een nieuw elan in Nicaragua. In zijn inaugurele speech zet Bolaños zich af tegen zijn voorganger, benadrukt de strijd tegen corruptie en zegt te zullen streven naar onafhankelijkheid van de justitiële sector, de kiesautoriteiten en de Rekenkamer. De functies binnen deze staatsinstellingen werden onderling confoirm het zogenaamde 'pacto' verdeeld tussen Sandinisten en Liberalen.

Zie ook

Meer informatie (externe link)


Een feestdag in Nicaragua.