Volksverhalen Almanak


Leeftijd:
Verteltijd: ca. 10 min.
Herkomst:

Half leeuw, half mens Een mythe over het gevecht tussen Narasingha Vishnu en de asura's

Half leeuw, half mensVroeger trokken de asura's (demonen) voortdurend ten strijde tegen de goden. Zij waren jaloers op hun aartsvijanden, omdat die beschikten over een elixer dat hen onsterfelijk maakte.

Eens werden de asura's geregeerd door de machtige koning Hiranyanetra. Hij werd gedood tijdens een gevecht met de god Vishnu, die in de gedaante van een wild zwijn op aarde gekomen was. Toen zijn broer, Hiranyakasipu, dit hoorde, tierde hij van woede en verdriet. Hij nam het leiderschap van de asura's op zich en gaf zijn bloeddorstige soldaten het bevel om dood en verderf te zaaien onder de goden en hun aanhangers, de mensen. De asura's trokken de wereld in en richtten een waar bloedbad aan. De aarde zelf raakte gewond terwijl de goden uit hun hemelse oorden op de vlucht sloegen.

Intussen was Hiranyakasipu in de rouw. Hij bracht het gebruikelijke wateroffer voor de lichaamloze ziel van zijn gestorven broer en troostte zijn weduwe. Daarop nam hij zich voor om heer en meester van de wereld te worden. Ter verwezenlijking van dit doel stelde hij zichzelf bloot aan de meest extreme vormen van zelfkastijding. Hij ging rechtop staan, waarbij hij slechts met één grote teen de grond raakte, strekte zijn armen boven het hoofd en richtte zijn ogen naar de hemel. In afwezigheid van hun leider leden de asura's grote verliezen en wisten de goden hun rechtmatige plaats in de hemel te heroveren.

Vanwege zijn voortdurende zelfkastijding ontstond er in het lichaam van Hiranyakasipu een intense hitte. Vlammen stegen uit zijn hoofd op en grepen in alle richtingen om zich heen. Overal ontstonden grote branden, zowel op deze wereld als daaronder en daarboven. De lagere hemelen verschroeiden en de goden, hun gezichten vertrokken van hitte, snelden naar de hoger gelegen hemel van Brahma. Daar brachten ze verslag uit aan de god die de wereld en alles wat daarop leeft en groeit heeft geschapen.

Toen Brahma, de schepper, op de hoogte was gebracht van hetgeen zich beneden hem afspeelde, besloot hij om de leider van de asura's een bezoek te brengen. Hiranyakasipu, die de wereld in een vlammenzee had veranderd, zag de uit een lotus geboren god naderen en maakte een knieval. Om hem voor zijn zelfkastijding te belonen, sprak Brahma: "Doe een wens." De asura antwoordde vastberaden: "O machtige god, Grootvader van alle levende wezens. Ik wens nimmer door de volgende dingen gedood te worden: alle soorten wapens waarmee mijn vijanden slaan of gooien, vallende bomen en rotsblokken. Ook niet door water, vuur en bliksem. Laat mij onschendbaar zijn voor goden, demonen, zieners, leermeesters en alle andere wezens die u geschapen hebt. Laat mij voor al die wezens onschendbaar zijn, in de hemel of op aarde, bij dag of bij nacht, vanuit de hoogte of vanuit de laagte."

Toen Brahma dit verzoek had aangehoord, antwoordde hij liefdevol: "Ik ben werkelijk zeer tevreden over jou. Houd op jezelf te kastijden. Jij zult alles krijgen waar je om gevraagd hebt. Voor een periode van zesennegentigduizend jaar zullen al je wensen in vervulling gaan. Sta op en hervat je leiderschap over de asura's."

Bij het horen van deze woorden verscheen er een glimlach van tevredenheid op het gelaat van Hiranyakasipu. Hij liet zich door Brahma tot koning kronen. Daarna voerde hij zijn plan voor de verovering van de drie werelden uit. Eerst overrompelde hij de wereld van de mensen, daarna viel hij de godenwereld aan. Eén voor één werden hun legerscharen door de asura's verslagen. Voor de tweede maal zochten de goden hun toevlucht bij Brahma. Hij stelde voor om Vishnu's hulp in te roepen. Gezamenlijk vertrokken ze naar de oceaan van melk, de plaats waar Vishnu in een bed lag te slapen. Nadat ze hem met uitbundige lofzangen gewekt en gunstig gestemd hadden, vertelden ze Vishnu over hun benarde situatie en smeekten hem om hulp. Vishnu liet zich volledig op de hoogte brengen van het leed waaronder de goden gebukt gingen. Hij begreep dat de goden in groot gevaar verkeerden en stemde met hun verzoek in. Hij stond op uit zijn bed en stelde de goden met gepaste woorden gerust. "Ik zal ervoor zorgen dat die asura op gewelddadige wijze aan zijn eind komt. Ga nu maar naar huis en maak je verder geen zorgen." Verheugd keerden de goden terug naar hun woonplaats.

Nadat ze vertrokken waren nam Vishnu de behaarde gedaante aan van Narasingha, oftewel half mens, half leeuw. Hij had wijd opengesperde kaken, verschrikkelijke slagtanden, lange scherpe nagels en een kop met manen die schitterden als een duizendtal zonnen. Tegen zonsondergang ging hij op weg naar de stad van de asura's. Met buitengewone moed liep Narasingha door de straten en verpletterde de asura's die hem aanvielen. De demonen die getuige waren van zijn bovennatuurlijke kracht stoven in paniek uiteen.

Prahalaad, de zoon van Hiranyakasipu, bekeek dit schouwspel en zei tegen zijn vader: "Waarom is deze gigant, de koning van de dieren, hierheen gekomen? Er bestaat geen twijfel; het is de onwankelbare, opperste god. Het is Vishnu, in de gedaante van Narasingha, half mens, half leeuw. Waarom legt u uw wapens niet neer en onderwerpt u zich aan zijn genade. Aanschouw zijn gapende muil, er is niemand in de drie werelden die tegen hem op kan. Handel als een vorst en buig voor deze god."

De kwaadaardige koning luisterde naar het betoog van zijn zoon en antwoordde: "Waarom ben je zo bang, mijn kind?" Daarop wierp hij zich in de strijd met het beest, waarbij hij allerlei soorten wapens gebruikte: zwaarden, speren, knotsen, stroppen, haken, vuur, enzovoort. Het leek wel een eeuwigheid dat de twee met elkaar vochten.

Plotseling groeide uit het lichaam van de demon een grote hoeveelheid armen, elk met een zwaard in de hand. Daarmee viel hij de leeuw aan, maar al zijn slagen en stoten waren vergeefs. Het einde van de strijd was nabij. Narasingha greep Hiranyakasipu beet en legde hem dwars over zijn knieën. Met zijn enorme klauwen trok hij de ribbenkast van de asura uiteen en rukte hem het hart uit de borst. Ogenblikkelijk viel de demon dood neer.

Nadat de vijand van de goden was gedood, liep Prahalaad op de leeuw af en viel aan zijn voeten. Narasingha kroonde hem tot koning van de asura's en verdween op raadselachtige wijze.

Toen Vishnu in de hemel verscheen met het nieuws dat Hiranyakasipu vernietigd was, waren de goden, Brahma en alle anderen, zeer verheugd. Ze maakten een diepe buiging voor de lovenswaardige god en konden zonder angst of gevaar naar huis terugkeren.


*   *   *

Half leeuw, half mens Samenvatting
Een mythe over het gevecht tussen Narasingha Vishnu en de asura's. In dit hindoeïstische verhaal voeren de asura's (demonen) oorlog met de goden om het levensexlixer te veroveren. De goden schakelen de hulp in van Brahma, maar alleen de opperste god Vishnu kan de demonen stoppen. In de incarnatie van Narasingha (half leeuw, half mens) gaat hij het gevecht aan met de leider van de asura's, Hiranyakasipu. Lees het verhaal

Toelichting
In de oude Indiase mythologie komen wezens voor van wie de levens geheel in het teken staan van de jaloezie: de asura's (letterlijk: anti-god). Ze zijn jaloers op de goden, omdat die beschikken over Amrita, de nectar van onsterfelijkheid. Zij leven in een eigen sfeer en worden geregeerd door een koning. Bij tijd en wijle probeert zo'n koning de wereld van de goden en de mensen te veroveren. Dan incarneert de god Vishnu op aarde, de ene keer als dwerg, de andere keer als half mens, half leeuw, om een eind te maken aan de ambities van de koning van de asura's.

Dit verhaal is een bewerking van een episode uit de Vishnu Purana, een Sanskrietwerk uit de tweede eeuw voor Christus. De Purana is een genre dat het wel en wee van de goden beschrijft. Ondanks het feit, dat Hiranyakasipu onsterfelijk is voor alle wezens die Brahma geschapen heeft, kan Vishnu hem in de vorm van Narasingha doden, omdat hij mens noch dier is. Kortom hij heeft zichzelf geschapen en is derhalve geen creatie van Brahma.

De Vishnu Purana bestaat uit vijf delen (23.000 verzen). Het eerste deel beschrijft de schepping van het universum, pralaya, en het karnen van de oceaan. Het tweede deel bevat de geografische (aardrijkskundige) beschrijving van de aarde verdeeld in zeven eilanden. Het derde deel beschrijft het ontstaan van het boeddhisme. Het vierde deel bevat een beschrijving van de bevolking op de aarde vanaf het begin. Het vijfde deel is geheel gewijd aan leven en activiteiten van Heer Krishna: verhalen over allerlei toegewijden; beschrijving van het varnâs'rama-systeem, de zes anga's (delen, ledematen) van de Veda, een beschrijving van Kali-yuga, een beschrijving van het Sveta Varâha Kalpa, Vishnu dharmotara en Varâha Kalpa. Vgl. Wikipedia voor meer info.

Trefwoorden


Thema

Verhaalsoort

Bron
"Volksverhalen uit kleurrijk Nederland. Draken en andere vreemde wezens. Verhalen uit de Chinese, Joodse, Nederlandse, Indiase, Turkse, Surinaamse, Marokkaanse en Indonesische verteltraditie" uitgegeven door Uitgeverij Lemniscaat, Rotterdam, 1991.

Herkomst: India
Verteltijd: ca. 10 min.
Leeftijd: vanaf 12 jaar

Lees ook