TOELICHTING:Het verhaal is in 1884 opgetekend in het Drentse Koekange, in de omgeving van Meppel. De haas als spookgestalte komt vaker voor in de Nederlandse folklore. Heksen die zich als haas vertoonden, konden alleen met een bijzondere lading, zoals kogels van zilver, worden geschoten. Bekend zijn ook hazen die almaar groter worden, zoals de haas van Hellum die eens een boerenknecht een pak slaag gaf. Hier wordt de vrouw die zich 's nachts in de gedaante van een haas vertoont, waarschijnlijk aangezien voor een heks.
Uit: Eelke de Jong en Hans Sleutelaar, Sprookjes van de lage landen, p. 85. Oorspronkelijk gepubliceerd in het tijdschrift Volkskunde 20 (1909), p. 109. Boekenoogen nam deze bijdrage in zijn rubriek
Nederlandsche sprookjes en vertelsels op als voorbeeld van de vele verhalen over heksen die, in een dier veranderd, anderen lastig vallen en dan worden verwond. We vinden dit thema wereldwijd, vergelijk bijv.
Het zwijn dat een heks was.
| TYPERING: | Een Drents volksverhaal over een heks |
| SOORT: | Volksverhaal |
| HERKOMST: | Drenthe |
| LEEFTIJD: | Voor kinderen vanaf 7 jaar en ouder |
| VERTELTIJD: | ca. 1 min. |
| TREFWOORDEN: | haas, jager, buurvrouw, heks, bloedspoor, rogge, verband, kogels |
| MOTIEF: | mens in diergedaante haas |
| BRON: | "Volksverhalen uit kleurrijk Nederland. Dieren. Dierenverhalen uit de Chinese, Joodse, Nederlandse, Indiase, Turkse, Surinaamse, Marokkaanse en Indonesische verteltraditie" Lemniscaat, Rotterdam, 1990. |
| |